Netsensei

Much Ado About Nothing

Wonen en Dagelijks Leven

Indian summer

Early Autumn

September. Indian summer. Om de een of andere reden is dit mijn favoriete tijd van het jaar. Het is nog zomer, maar er zit verandering in de lucht. Het loof in de bomen ziet er steeds minder fris uit, het licht wordt anders – voller en kleurrijker naar mijn gedacht. Het wordt langzaam frisser en de geur van een kolenkacheltje dat voor het eerst terug wordt aangestoken, vult ’s avonds de straten.

En allerlei creaturen die zich het ganse jaar verscholen in donkere holen, maken zich even meester van de wereld.

Schoonheid in verval, jawel!

Eigenaar

Ik mag mezelf vanaf nu eigenaar van vastgoed noemen. Vrijdag is de akte verleden. Ik heb uitgebreid de kans gehad om mijn handtekening te oefenen. In de voormiddag ging het richting bank om daar alle papieren rond de lening te tekenen en in de namiddag was er het bezoek bij de notaris. De akte werd voorgelezen, vragen werden beantwoord en afspraken werden gemaakt. Maar het is dus van mij.

En in één moeite ben ik meteen ook huisbaas geworden. Er woont nog een gepensioneerde dame. Nieuwsgierig belde ze mij vrijdagavond op. Gisteren ben ik even in de namiddag op bezoek geweest om kennis te maken. En praktisch één en ander de regelen. Ze is immers zelf ook op de uitkijk naar een nieuwe stek. Wanneer dat zal zijn? Dat hangt af van hoe snel ze iets vindt. Hoe dan ook geldt een opzeg van 6 maanden. Lang? Tjah, dat staat bij wet vast. Ik ben dus eigenaar van een stuk vastgoed waar ik zelf nog geen genot van heb maar wel al wat verplichtingen. Dat wordt even door de zure appel bijten.

Alles welbeschouwd hebben we toch een stevige horde genomen. Dat scheelt al veel!

Visbokaal

Als vrijgezel gaat het leven, zoals voor iedereen, met ups en downs. Maar soms maakt een voorvalletje de dag geslaagd. Ik trok gisterenavond na het werk uit op boodschappenronde. Met het warme weer had ik een los hemd, knoopjes los en armen opgestroopt, met een t-shirt onder aan. Beeld u even de Cola Light man in, maar dan met een Ethiopische lijn, een pak bleker en een hemdje en je bent er.

In de Nationalestraat passeerde ik Julija’s Shop. Ik herinnerde me dat ik daar nog een bon moest kopen. Als ik de verhalen mag geloven is Julija’s shop zo’n beetje het Mekka voor de betere stofjes, wolletjes, garen en what not waarvan de gemiddelde creatieve vrouw zo’n beetje wild wordt. Ik toogde er redelijk decisief en onbeschaamd binnen.

De twee verkoopsters waren volop in discussie met een vrouwelijke klant, maar het gesprek viel meteen stil. Een man? Die zomaar onbezorgd binnen stapt? Hier? Het leek wel alsof ik terecht was gekomen in een visbokaal waar de vissen u met gigantisch grote vissenogen taxeren. Quasi direct toverden de drie gezichten die eerst nog verwondering registreerden, een brede glimlach terwijl blikken werden uitgewisseld.

Nadat ik duidelijk gemaakt had dat ik een cadeaubon nodig had, nam de jongste van de twee verkoopsters mij mee naar de kassa waar ze mij met pretoogjes bediende. Er werd nogal wat tijd genomen om de bon af te stempelen, in een zakje te steken, een kaartje te kiezen, het zaakje dicht te nieten en af te rekenen

Uiteindelijk stapte ik zelf de winkel terug buiten met een brede glimlach.

Vandaag moest ik nog een keer of wat aan het voorvalletje denken. Zo onbeschaamd flirten, dat is nu eens iets wat ab-so-luut niet in mijn aard ligt. Maar bij gelegenheid, op een impulsief moment, kan het wel eens verdomd leuk zijn en deugd doen. ’t Is dat we allemaal soms in een eigen visbokaal lijken te leven en met grote ogen naar de andere vissen in de andere bokalen kijken.

Koopt u eens iets

Zo een eigen stek kopen. Dat kost u dus een stuk stress met geregel en what-not. Tot nu toe viel het allemaal wel mee, maar deze week hing ik er vlotjes aan. Het begon met een paniekerig telefoontje van de bank: blijkt dat de akte niet voor 20 augustus verleden zou worden. Probleem want dat is de uiterste deadline qua voorwaarden voor de lening die men kon vasthouden. Als ik die verlies, loop ik risico tegen het einde van de rit juist meer af te betalen. Niet fijn. Nochtans was het dossier op tijd opgestart. Tot overmaat van ramp was de dossierbeheerder bij de notaris ook nog eens met vakantie tot medio deze week.

Stress! Miserie!

Drie dagen telefoneren, overleggen, nagelbijten en wachten tot de dossierbeheerder terug was.

Hoe lossen we dit op? Bleek dat het probleem de dienst stedebouw van de stad is. Daar zijn ze allemaal met verlof en liggen de aanvragen dus stof te vangen. Voor een appartement stelt dat niet veel voor: de ambtenaar in kwestie heeft maar op een paar knoppen te duwen om het nodige uit de printer te laten rollen. I know the drill als ex-medewerker aan ’t Stad.

Gelukkig mag ik mijn pollekes kussen dat ik zo’n goeie bank heb. Die mensen hebben hemel en aarde bewogen om de deadline door “Brussel” met een week te verlengen. Dat zou voor de dossierbeheerder voldoende zijn om het nodige te regelen.

Nog even en ik mag, zonder verder belet, op 26 augustus de papieren tekenen. Dan ben ik dus ook, hum, grootgrondbezitter. Afin, ’t is de komende dertig jaar eigendom van de bank, maar laat mij even in de waan.

Subwoe

Dezer dagen zit ik terug in Brussel bij Een Klant. Het voorbije jaar was dat wel meermaals zo. Over de middag eet ik mee in het restaurant. Goedkope groot keuken die al bij al geen slechte, zij het een beperkt gamma aan, schotels serveert.

Dezer dagen moeten we de dames en heren in het wit missen. De kantine is namelijk gesloten wegens verbouwingswerken. Drats. En dus is het uitwijken naar andere opties. In de administratieve wijk rond Brussel Noord is dat niet zo evident als het snel moet gaan. Vandaag ging ik met twee tijdelijke collega’s richting Subway.

Ah, de Subway, die verguisde keten waarvan de laatste jaren de vestingen als onkruid paddestoelen uit de grond schieten. Ik had ze leren kennen toen ik met kameraad T. door de States en Canada cruisde. Vettige broodjes zoals ze enkel aan de overkant van de plas weten te smeren.

Hier is het niet anders.

Ik nam zo’n Italian BMT ding. Een bruin broodje – boordevol verzadigde vetten en calorieën op zich zelf – vol met vettige schijfjes salami. Groentjes? ‘Tuurlijk! Paprika, komkommer, tomaat, sla en daar tussen nog eens een paar plakken vettige cheddar. O ja, laten we de lek vettige cocktailsaus niet vergeten. En dat voor zes (!) euro. Afin, ’t mag duidelijk zijn dat het niet echt mijn ding is.

Nu. Ben ik tegen Subway? Goh. ’t Is van dezelfde orde als McDonalds. Je weet wat je er koopt. Mocht ik kinderen hebben, ik zal ze er zeker niet op trakteren.

Ik zou natuurlijk ook zelf gezonde boterhammetjes kunnen meenemen. Alleen, dat ligt op dit moment een beetje moeilijk met het pendelen tussen Antwerpen, Brugge en alles daartussen. Nu, dat zou binnenkort gedaan moeten zijn. Dan neem ik gewoon sandwichen deluxe mee naar het werk.

Smakelijk!

Ontbijten, hoe moeilijk is dat niet

Wat doet een mens zoal op verlof? Als het regent, niet zo bijster veel. Films kijken, een potje Team Fortress 2 spelen, een beetje lezen, een beetje muziek luisteren,… Afin, u begrijpt wel dat de voorbije twee dagen niet bepaald de zomerse quality time zijn die ik mij had voorgesteld.

Gelukkig scheen vandaag het zonnetje. En had B. voorgesteld om in ’t stad een koffietje te drinken. Ik durf nogal eens selectief te begrijpen als het op dat soort voorstellen aankomt. En dan interpreteer ik dat als: ‘O ja, kom laten we eens lekker brunchen!’

Dus trokken we, na enkele plichtsplegingen onderweg, richting Pain Quotidien. Ik heb dat vorig jaar eens in Leuven gedaan, en dat was me toen zeer bevallen. Zo eens ontbijten zonder dat ge daarvoor per se bij de bakker langs loopt en kweeniehoeveel beleg voor in huis moet halen. Een fijn concept voorwaar.

Jammer genoeg was het een beetje een overrompeling op het moment dat we arriveerden. We staken door richting tuinterras helemaal achteraan. Afin, laat die ‘tuin’ achterwege want één yucca maakt het mooie weer nog niet.

Na dik vijftien minuten wachten (en een katern van een rondslingerende gazet later) ging ik op kousevoetjes richting gelagkamer om de dienstdoende deerne op onze aanwezigheid te attenderen. Dat koste mij nog eens vijf minuten omdat ze nog twee andere klanten aan de kassa aan het afwerken was. Na wat geëxcuseer omdat ze ons niet had zien binnenkomen, kreeg ik twee menukaarten mee. Een minuut of vijf later kwam ze nog een paar achtergebleven glazen opruimen – meer geëxcuseer – en… vertrok ze terug zonder bestelling op te nemen. De klok tikte genadeloos naar twaalf uur en het moment dat de keuken zou sluiten. Bij het horen van de carillon in het Belfort hadden we er genoeg van. Een halfuur zonder iemand te zien om nog maar te bestellen? Dat kan moeilijk. Ik denk wel dat u zich de gène bij de deerne in kwestie kan voorstellen toen we door de zaal troonden. De keuken was inderdaad dicht. Te laat. En ze wist niet meteen van welk hout pijlen maken. Tjah, dan hadden wij er ook niet echt veel meer te verliezen.

Gelukkig wisten ze in De Belegde Boterham in de Kleine St-Amandsstraat wél hoe je het aanpakt. Ik kon meteen twee stevige boterhamen met rundstartaar bestellen. Quasi direct werden ze geserveerd. Binnen de vijf minuten. Precies en vriendelijk. En ’t was nog lekker ook.

Papier

Bon. Een ganse voormiddag papier klasseren. Facturen, uitreksels, aangiftes,… noem maar op. Pakken lege enveloppes die de papiermand vullen. ’t Is een stortvloed. En veel licht aan de tunnel is er niet. Dan dacht ik bij een vorige klasseeractie: ’t is allemaal opgeruimd en de essentie steekt bij de boekhouder, blijkt de wanorde nog altijd even groot. Ugh. Administratieve vereenvoudiging: mijn edele delen ja.

Waar is mijn feestneus

Ik huur de onderste verdieping van het huis van J. en N. in hartje Antwerpen. Dat huis is een hoekhuis. Ik woon dus op een hoek. En achter die hoek is er een feestzaal. Zoals dat gaat bij feestzalen wordt daar wel al eens iets gevierd. Het laatste half jaar was het behoorlijk rustig. Maar dat de examens ten einde zijn, dat zullen we deze week geweten hebben. Gelukkig is er portier en rots in de branding L. om de zaak hier te bestieren.

Afin. Het feestvierende volkje arriveert hier tegenwoordig na het vallen van het duister als ware het nachtdieren. Rond de zomerwende doet de nacht laat zijn intrede, mind you. Vanuit mijn zetel ben ik zo’n beetje bevoorrecht toehoorder. En dan durft de socioloog in mij al eens naar boven komen. Niet dat ik veel uit de gesprekken van de passanten kan opmaken. Maar voor de ingang van de feestzaal deelt de Antwerpse studentenpopulatie lief en leed. Plannen voor de vakantie, buizen verzuipen, amoureuze verwikkelingen (of juist niet!),… Aan mijn raam passeert met tussenpozes vanalles: hipsters met raybans en brilliantine, gasten in basketslofjes, versleten jeans en Superdry! t-shirts, meisjes die in niemendalletjes en op ongemakkelijke hakken de frisse avond trotseren, de popular kids met lintjes,… En doorheen dat alles van tijd een stevig “SSSHT!” van L. om de decibels onder controle te houden.

Ach, als je verkiest om in het hartje van een metropool te wonen, dan moet je wel wat lawaai kunnen verdragen zo van tijd. ’t Is dat de eigendom in Brugge op een boogscheut van de stad in een rustige omgeving ligt.

Die keer dat het warm was

Jullie hebben ook de collectieve saunasessie overleefd? Mooi. Ik was zelfs zo gek om met J. ter klimmuur te trekken. Het nieuwe materiaal schreeuwde om uitgetest te worden. De eerste bevinding is dat ik een goeie koop heb gedaan. De nieuwe schoenen bieden veel meer grip. Gedaan met prakken alsof je op ijsblokken aan het klimmen bent. Volgens J. klom ik een stuk zelfzekerder. Mijn voeten zagen wel af. Ze waren al wat gezwollen door de warmte en in nauwe schoentjes gaat het snel van kwaad naar erger. No pain, no gain. De gordel is ook goedgekeurd. Bij het zekeren had ik nu een pak meer steun in mijn rug in tegenstelling tot de el cheapo gordels die ik in de zaal huurde.

Met het werk trokken we gisterenavond op bezoek bij een bevriend communicatiebedrijf vlakbij. Waar bij ons de mannen in de meerderheid zijn (2 dames aan boord), is het bij hen net het omgekeerd (1 man in dienst). Het werd een gezellige bedoening met hapjes en babbels. En grappige opmerkingen zoals daar zijn:

Hé, rijdt gij met een break? Mwa, neen. Een break is zo… familie.

Of:

Wij hebben een chocoladefonds. Voor crisismomenten.

Maandagavond deed ik er dan weer 2,5 uur over om van Brussel-Noord in Antwerpen te geraken. Ze mogen het ontkennen wat ze willen, maar tot zover heb ik deze wetmatigheid kunnen observeren: treinmaterieel functioneert optimaal tussen 5 en 25 graden. Gaat het kwik erboven of eronder en je kan er prat op gaan dat vertragingen, kommer en kwel uw deel zullen zijn. O ja, en als het regent natuurlijk ook. Tot zover houdt die wetmatigheid nog altijd stand.

Kokeneten

Gisteren was het weer eens van Feest in ’t Park in Brugge. Mondiale muziek, standjes, vertegenwoordiging van alles ter linkerzijde, wereldkeuken en wat-nog-niet-meer maar bovenal: gezelligheid troef. Tussen dat alles stond standje van het IVO, het instituut voor volwassenenonderwijs. In een grote tenten werden er kookworkshops ingericht. Vrienden H. en A. gaan al sinds jaar en dag elke vrijdagavond naar de kookles en wisten mij te overtuigen om één van die workhops bij te wonen. Ziet u, ik ben tuk op lekker eten en ik zou graag wat dingen beter onder de knie krijgen. En dus overweeg ik in het najaar gedurende een trimester kookles te volgen.

Het werd een workshop rond zomerse hapjes. Zo konden die nadien voor de geïnteresseerde passanten worden opgediend. We maakten met ons groepje achtereenvolgens: een Verrine met broccoli en surimi, gazpacho en worteldip. Ik kan u zeggen: ronduit heerlijk. Weer iets bijgeleerd. En overtuigd dat de kooklessen naast het plezierige ook een nuttige kant hebben.

Overigens was ik van plan om vandaag penne met aubergine en tomaat te maken. Maar door omstandigheden wordt dat iets voor een later moment. Jawel, ook ik heb de weg ontdekt naar de heerlijke keuken van Mme Zsazsa. Lekkere dingen daar. En leuk gebracht. Aanrader voor wie op zoek is naar inspiratie. Voor zover u haar nog niet kende.

Ik heb nog willen merken dat mijn kookboek wat begint uit te puilen van de blaadjes vol afgedrukte recepten. Natuurlijk is de dikke van de KVLV ook in mijn bezit. Maar behalve als naslagwerk maak ik daar nauwelijks iets uit klaar. Liever haal ik mijn inspiratie on line of via via. Ik speelde deze week met de gedachte om eigen kookschrift aan te leggen. Lekkere recepten plakken of opschrijven. Eentje voor de ideeënlijst.

« Vorige blogposts Pagina 10 van 32 pagina's Volgende blogposts »