Mijn Github profiel

Een klein decennium maak ik gebruik van Github om mijn eigen digitale projecten een parkeren. En om deel te nemen aan andere open source initiatieven.

Alles wat je doet op Github, doe je en plein public. Zo is het platform immers in eerste instantie ontworpen: als een plaats waar code open wordt gebouwd en gedeeld. Dat betekent dat iedereen inkijk heeft in andermans digitale werkplaats. Wat niet altijd ideaal is. Ten eerste kent het gros van de digitale projecten een eindig leven. En dus verzamelde ik in al die jaren heel wat oude of in onbruik geraakte bagage. Ten tweede is er code die ik wel veilig wil stellen, maar daarom niet noodzakelijk met de buitenwereld wil delen. De code van dit blogje is een voorbeeld.

Het eerste probleem, daar heb ik net werk van gemaakt. Ik heb een pak oude projecten de status “archived” gegeven. Zo geef ik aan dat ik die projecten niet meer onderhoud. Ik bewaar ze voornamelijk uit nostalgie: werk dat ik ooit heb gepresteerd in andere tijden. Een aantal projecten heb ik volledig verwijderd. Het gaat om code die in mijn ogen buiten het strikt utilitaire echt geen waarde heeft. Verouderde configuratie voor een ontwikkelomgeving bijvoorbeeld.

Sinds begin dit jaar biedt Github ook gratis private projecten aan. Voorheen zat dat in hun betalend aanbod. Tot nu toe maakte ik uit noodzaak gebruik van Bitbucket voor een aantal private projecten. Dat hoeft dus niet langer. Het plan is om gaandeweg alles te consolideren op Github.

De hele oefening zorgt voor ruimte in mijn hoofd. Het verleden loslaten is plaats maken voor nieuwe, toekomstige projecten.

Dagritme

Met de nieuwe job zien mijn werkdagen er tegenwoordig zo uit:

7:10 Opstaan – Badkamer – Ontbijt
7:40 Bus
7:58 Trein
8:25 Tram
8:35 Aankomst op de Campus Boekentoren
12:00 Middag pauze. Ofwel een broodje / soepje van de kantine. Ofwel een warme lunch ergens in de vele eetgelegenheden.
17:00 Richting Sint-Pieters. Al dan niet te voet.
17:40 Trein
18:25 Thuis – Avondeten – Huishouden
20:00 Ontspanning
23:00 Dodo

Dat is een verschil met vroeger. Toen ging ik geregeld de baan op. Antwerpen, Brugge, Leuven, Brussel,… Zo’n verplaatsing breekt meteen de week. Er waren dagen dat ik vroeg thuis was, om een dag later pas tegen halfacht aan de keukentafel te verschijnen. En de ene middag stond ik in de rij voor een broodje in slagerij Finesse, bij Carlos en Geraldine, in Gent. En de andere middag was het aanschuiven voor een snelle panini van de eettent in de ondergrondse onder Brussel-Centraal.

Een vast ritme, dat geeft verrassend veel rust in het hoofd.

Black books

Zwarte Britse humor! Bill Bailey! Boeken! Black books is fijne, heerlijke comedy. En de volledige serie staat zomaar eventjes op YouTube te grabbel. Aanrader!

Now ‘xcuse me, I need the Little Book of Calm!

Goodbye Apple

Eind augustus moest ik afscheid nemen van de Macbook Pro die mijn trouwe compagnon de route was in de voorbij 5 jaar. Die was immers van mijn vorige werkgever. De Universiteit gaf me de keuze: ofwel een Macbook, ofwel een Dell XPS.

Ik heb de Dell XPS gekozen. En daarmee werk ik niet langer actief, op dagelijkse basis, op het Apple platform sinds… 2005.

Waarom maak ik de overstap?

  • De touchbar die de bovenste toetsenrij vervangt. Geen functie toetsen, en geen escape-toets. Voor mij is het ontbreken van fysieke toetsen een absolute dealbreaker.
  • Het toetsenbord. Apple heeft in de laatste jaren teveel steken laten vallen in haar nieuwe ontwerpen. Luid, pijnlijk om lang op te werken, fragiel,…
  • Quo Vadis, OSX? Het is niet dat het zo’n slecht systeem is. Verre van. Maar de tijd dat het een lean en innovatief toonbeeld was, dat is toch ook weer even geleden. Om nog maar te zwijgen van de App Store. En de laatste upgrade – Catalina – schijnt allerlei kinderziektes te vertonen.
  • Perceptie. Apple is niet langer The Good Guy. Het is één van die technologie reuzen die nogal wat moreel bedenkelijke keuzes maakt in haar bedrijfsvoering.

En dus werk ik sinds begin september op een Dell XPS 13. Ik beklaag me de keuze helemaal niet. Deftig toestel. Krachtige hardware. Doet wat het moet doen.

In de eerste weken probeerde ik te programmeren in de voor-geïnstalleerde Windows 10. Maar dat bleek al snel een no-go te zijn. Programma’s waar ik gewend ben mee te werken, wel, die werken niet zo vlot op Windows 10. Of ze bestaan gewoon niet voor Windows 10. En dus ben ik al snel overgestapt naar Fedora 30.

Jawel, ik gebruik nu Linux als desktopsysteem. Vroeger was dat een oefening in zelf-flaggelatie. Tegenwoordig voelt de gebruikservaring heel volwassen aan. Zowat alles werkt zoals het moet, en in een omgeving die visueel er aantrekkelijk uit ziet. Oké, het is niet het gelekte design van OSX, maar het zijn ook niet meer de clunky vensters en icoontjes van nauwelijks een decennium geleden.

Een nieuwe job

Dat het al meer dan een maand geleden is dat ik een nieuw professioneel hoofdstuk mocht aansnijden! Begin september startte ik als Medewerker Data Operations voor de Universiteitsbibliotheek Gent.

De Boekentoren, dus.

Dit is een zuiver technische rol. Ik mag dagelijks duiken in technische uitdagingen wat betreft het verzamelen, beheren en delen van data in de meest uiteenlopende vormen en soorten. Digitale archivering, modellering, ontsluiting, uitwisseling,… you name it.

Dat betekent ook dat ik een hoofdstuk afsluit. Sinds februari 2015 was ik Data Conservator voor Vlaamse Kunstcollectie vzw. Die rol had een gelijkaardige invulling, maar dan binnen het museale domein. Het grote verschil? Schaal. De universiteit is een organisatie met uitdagingen en oplossingen van een heel andere ordegrootte en complexiteit.

In tegenstelling tot mijn vorige job is dit een zuivere engineering job. Misschien lijkt dat een vreemde keuze. Een groeipad in een loopbaan gaat veelal uit van de veronderstelling dat je start in een louter operationele of uitvoerende rol waaruit je gaandeweg, en welhaast onvermijdelijk, naar management door groeit. De harde waarheid is dat het om fundamenteel verschillende rollen gaat die specifieke kennis, skills en ervaring eisen. Een transitie van het ene in het andere hoort dan ook een weloverworgen beslissing te zijn. Charity Majors van honeycomb.io schreef in januari over die keuze een blogpost getiteld Engineering Management: The Pendulum or The Ladder. Dat was een tekst die bij mij wel wat bellen deed rinkelen en mij aan het nadenken zette.

Persoonlijke overwegingen daar gelaten, wilde het toeval dat de positie in de bibliotheek halfweg het voorjaar open werd verklaard. Het was soms nagelbijten tijdens het selectieproces. Ik kreeg begin juli uiteindelijk de definitieve bevestiging.

Ondertussen zijn we enkele weken ver in dit nieuwe hoofdstuk. Ik heb – vrij letterlijk zelfs – een vliegende start genomen. De komende weken en maanden brengen alvast heel wat interessante, nieuwe uitdagingen.

#teamynab

ynab ynab

We zijn 6 weken ver. Hoe loopt dat nu zo, van budgetteren met YNAB of You Need A Budget? Heel goed. We zijn natuurlijk nog maar anderhalve maand ver. Naar het schijnt duurt het toch wel even vooraleer we er echt de vruchten van plukken. De eerste weken waren alvast heel leerijk. Tijd dus om wat ervaringen te delen.

Als je het goed wil doen, dan moet je echt elke uitgave bijhouden en elke euro in een budget gieten. Opstarten betekent dus een paar uurtjes investeren in cijferen, nadenken over alle grote en kleine, maandelijkse en jaarlijkse rekeningen. Dat is best wel confronterend, maar wel noodzakelijk.

Het idee? Je verdeelt je maandelijkse te besteden budget over uitgavenpostjes. Boodschappen, kleren, hypotheek, restaurant, vervoer,… alles wordt in kaart gebracht, en alles krijgt een ingeschat bedrag. Elke uitgave die je doet moet je via de YNAB app met het juiste postje matchen. Zo krijg je al snel heel goed zicht waar je geld naartoe gaat.

Ook dat is confronterend, maar het geeft wel gemoedsrust. Je zet immers het geld voor de basisuitgaven al op zij. En in je dagelijkse uitgaven houd je rekening met de andere postjes. Je weet exact hoeveel je kan uitgeven.

Gelukkig is een budget niet in steen gebeiteld. Het mooie is dat je van rolling with the punches kan doen. Zo hebben we een maandelijkse post voor dokterskosten. Als we niet ziek worden, dan kunnen we dat geld transfereren naar het postje boodschappen, of uit eten, of gewoon naar volgende maand waar we ons budget dan bijstellen.

Give every dollar a job, is dan ook een slagzin van YNAB. Je wordt echt wel gedwongen om na te denken over wat je met je geld wil doen en kan doen. En dat geeft meteen ook gemoedsrust. Je ziet immers zelf waar de werkpunten liggen, waar je geld naartoe gaat en of je op het einde van het loon nog wat maand over zal hebben of niet. En je zal ook veel minder snel geneigd zijn om allerlei impulsaankopen te doen omdat je weet dat je dan in je budget zal moeten schuiven.

Het valt op dat we na 6 weken eigenlijk niet meer kijken naar het bedrag op de bankrekening. Enkel de bedragen in YNAB tellen. Het enige waar we voor moeten opletten is dat het bedrag in YNAB overeenkomt met wat er effectief op de rekeningen staat.

YNAB is een Amerikaans product, en dus kunnen ze in Amerika automatisch YNAB koppelen met hun bank. Wij moeten alles handmatig invullen via de app. En dat betekent toch eens om de twee weken een uurtje controleren of alles nog wel klopt. Dat vraagt allemaal wel wat discipline. En da’s meteen ook de grote uitdaging. Onze motivatie is de gemoedsrust dat we veel meer controle hebben over onze financiën.

YNAB heeft ook wat verbeterpunten. Als je met met twee of meer een budget wil beheren, dan moet je dat met dezelfde account doen. Wil je het helemaal goed doen, dan moet je echt elke euro in je portefeuille ook bijhouden. Doe je dat niet, dan wordt het al wat moeilijker wanneer je een geldopname doet aan een automaat.

Ook al kost het wat moeite, budgetteren met YNAB is een echte aanrader.

Dispatches

Februari brengt iets nieuws. We zijn team #YNAB geworden. You Need A Budget. We wilden wel eens weten waar ons geld zoal naartoe gaat. Beter greep krijgen op de financiën, dat geeft rust in het hoofd. Met dank aan Lilith!

Google en Facebook kochten letterlijk de privacy van niets vermoedende jongeren. De silo’s haalden hun doelpubliek over om, tegen een maandelijkse vergoeding, een app te installeren die alle persoonlijke gegevens monitort. Bovendien is Google van plan om in Chrome pop-up blockers van derde partijen te blokkeren ten voordele van hun eigen blocker. Wat ik er van denk? Dat dit nog maar het topje van de ijsberg is. En dat ik me bij al dat nieuws alleen maar verontwaardiging en ongemak voel groeien.

Michel vermeldde trouwens nog dat Google Plus binnenkort verdwijnt. En dat dat onbedoeld gevolgen heeft. Jawel, zelf alles onderhouden houdt allerlei risico’s in. Maar alles uitbesteden biedt evenmin zekerheden over duurzaamheid.

Leestip: de wekelijkse Revue van Fredo Desmet. Waarin hij rapporteert over de relatie tussen Mens en Machine. Ik ben blij dat hij deze week Norbert Wiener, de vader van de cybernetica, een eervolle vermelding geeft. Ik had over Wiener deze zomer gelezen in de biografie van Claude Shannon. Het klopt dat je zoveel meer uit dit domein haalt als je ook haar geschiedenis kent.

Het weekend bracht al een familiefeestje. Morgen trek ik naar FOSDEM.

Ik zou eens kunnen nadenken over betere titels voor blogposts die losse gedachten en beschouwingen samenvat. Of misschien hebben ze domweg geen titels nodig. Dave Winer gewijs en al.

Sneeuw

It never gets old. Als er sneeuw in de lucht hangt, en de media beginnen te waarschuwen voor allerlei apocalyptische toestanden op de weg, dan maakt een kinderlijk ongeduld zich meester van mij. De anticipatie van door de sneeuw te kunnen banjeren, sledes, sneeuwmannen en sneeuwballen, de verandering in het geluid en het licht,…

Als volwassene heb ik het na tien minuten zo’n beetje gehad eenmaal er een dikke laag ligt. Koud, glad, nat. Bah. Vanavond verloor ik meteen een klein uur in Gent Sint-Pieters aan technische pannes. Dus was ik daarnet welhaast kinderlijk blij wanneer mijn verkleumde botten de huiselijke warmte en gezelligheid mochten voelen.