Netsensei

Much Ado About Nothing

Gezondheid en Welzijn

Tandarts

Vanavond had ik een lang verwacht, zeer gevreesd rendez-vous met mijn tandarts. Het eerste omdat ik de harde ervaring mij heeft geleerd dat het minste wat je kan doen je tanden regelmatig poetsen, is. Het laatste juist omwille van die harde ervaring.

Nu is de praktijk van mijn tandarts, of beter: de groepspraktijk, sinds kort verhuisd van de Kasteelpleinstraat naar de Brialmontlei. Een stap verder van mijn deur maar, geen nood, nog altijd goed bereikbaar en vindbaar. Dat dacht ik toch toen ik van ver het plannetje bestudeerde. Het draaide erop uit dat ik vijf minuten voor mijn afspraak het laatste stuk van de weg niet meer wist. Vanop de vekeerde hoek van het stadspark stond ik dus te gsm’en naar collega W. naar weginstructies. Misschien toch die GPS aanschaffen?

De groepspraktijk zelf is nog succesvoller dan vorig jaar. In de nieuwe, grote wachtruimte zaten toch enkele mama’s en papa’s met de kroost. Vanuit een ooghoek zag ik dat de agenda redelijk uitpuilde van de afspraken. Typisch aan tandartspraktijken zijn de doorgaans smetteloze witte muren en de superheldere ruimtes. En da’s bij mijn tandarts niet anders. Ik werd al snel meegetroond naar de tandartsruimte met de grote tandartsstoel. Snel maar methodisch onderzocht de arts mijn gebit. Ik had even een paar bange momenten en toen viel het verdict: een gaaf gebit dat sinds de grote opbouw van vorig jaar zeer goed verzorgd bleek. Hoera voor mij! Ik denk niet dat ik het ooit al beter heb gehoord.

Toeval of niet, maar ik ben nu wel vrij sterk in mijn overtuiging gesteund dat het cold turkey stoppen met frisdranken (op een occasioneel glas Ice Tea na) absoluut de goeie beslissing was. Uiteindelijk is dat de grootste verandering in mijn leefpatroon dit jaar.

Minder goed nieuws, is dat ik nog altijd een kroon moet laten zetten op een kies. Kost: 700 euro. Uit eigen zak te betalen. Maar dat wist ik al sinds verleden jaar. Ik had die bittere pil wat uitgesteld maar nu ga ik ze eindelijk doorslikken. Morgen bel ik om drie afspraken voor de komende weken te maken.

Tjah, tandartsen… ’t is dat ik anders nauwelijks uitstaans heb met gewone dokters. Gelukkig maar.

Bekende hond

Naar het schijnt heb ik een bijzondere manier van wandelen waaraan ik mijlen op afstand te herkennen val. Ik kan daar moeilijk zelf over oordelen. Waar ik mij wel van bewust ben is dat ik, eenmaal op stap, een flink deel van de tijd in eigen gedachten verzonken ga. Ik durf dan mijn aandacht wel op de grond een paar meter voor mij te richten. Normale mensen schijnen recht voor zich uit te kijken.

Verdenk mij van een slecht geweten, gebrek van zelfvertrouwen of een tic, maar los van het feit dat ik zo probeer niet over mijn eigen voeten te struikelen, levert het ook wel al eens verrassingen op. Neem nu daarjuist op de hoek met de Museumstraat bij de Delhaize. Word ik opeens uit mijn gedachten getrokken wanneer ik recht in de ogen van een hond kijk. Het mormel, een labrador, kwam mij verdacht bekend voor. Bizar want ik ken geen labradoreigenaars. Toch niet direct. Dan maar even de lijn gevolgd om enkele meters verderop een bekende kop te zien worden voortgesleurd.

Het was dus Marcel Vanthilt. Tegenwoordig Eurosong vakjurylid. Hij leek mij in opperbeste doen want hij floot zelfs een deuntje. Aangezien ik Eurosong absoluut vermijd weet ik niet of het een liedje was waar hij, onwillekeurig, een voorkeur voor zou hebben. Nu, de essentie van de zaak: ik kan mij niet herinneren dat Marcel zijn hond regelmatig op TV komt. Die van Chris Dusauchoit natuurlijk wel. En dat is ook een labrador. Dus vraag ik mij af: welke bizarre gedachtenkronkel zorgde er voor dat ik bij het zien van de hond spontaan en moment van herkenning kreeg?

Het kan natuurlijk dat Marcel de hond van Chris uitliet. Maar zou Chris dan meteen ook babysitten bij Marcel? Vragen!

Blogdrink Leuven

Het loont de moeite om nieuwe mensen en hun blogs te leren kennen. De blogdrink Leuven van Carolien en Lime was dan ook een uitstekende gelegenheid. Heel wat vertrouwde gezichten maar ook een heleboel neofieten. Ik heb met flink wat mensjes een leuke babbel gehad. En ondertussen is het nu in het lijstje wat op zoek gaan naar wie ik mij nog herinner.

Van het eendje dat de mascotte was voor deze blogdrink deelde Dries een real life variant uit aan iedereen. Tof souvenir! Ik vraag mij anders wel nog af wie er met die karton witloof op de proppen kwam en waarom. Merci trouwens aan Herman voor de lift terug naar Antwerpen!

Blogdrink

Jogger

Eens in de week trekt hij zijn ietwat versleten sportschoenen aan. Dan gaat hij lopen. Langs het water, langs de ondergaande zon. Terwijl vlakbij de stad in de verte voorbij raast, glijdt hij in het ritme dat hem zo vertrouwd is.

Nu eens passeert hij voorbij wagens die al een eeuwigheid lijken geparkeerd te zijn op de oude, verweerde kasseien. Dan weer kruist hij een eenzame wandelaar die, sigaar in de mondhoek en diep verzonken in de kraag van zijn jas, de spaniel van het bazinnetje uitlaat. Zijn enige metgezel zijn de condenswolkjes van zijn warme adem. En de rust waaraan hij zich na een lang werkdag eindelijk kan overgeven.

Opeens merkt hij dat hij niet alleen is. Een paar meter voor hem jogt er een meisje. De witte dopjes van haar iPod steken af tegen haar donker haar dat meebeweegt op haar gelijke tred. Haar slanke lijn gaat wat verloren in een iets te grote donkerblauwe training. Haar verschijning doet hem uit tempo raken en onwillekeurig versnellen. Even maar want hij zou ze zo voorbijsteken. Dat wil hij niet. Nog niet. Hij begint het meisje traag maar zeker in te halen. Het valt hem op dat ze nagelnieuwe nikes draagt.

Ook zij blaast wolkjes. Haar voorhoofd glimt en haar rode wangen verraden de inspanning die ze levert. Op gelijke hoogte durft hij het aan even opzij te kijken. Zij wordt er zich van bewust dat ze niet alleen loopt. Ze kijkt hem een tikje verrast, een tikje nieuwsgierig recht in de ogen. Ze houdt haar hoofd even schuin ter begroeting en glimlacht. Hij lacht terug. Samen joggen ze zo even verder.

Al snel vertraagt ze om de stad terug in te draaien. Hij loopt nog even verder met het beeld van haar donkerbruine ogen. Dan wordt hij zich bewust van zijn hartslagmeter die hem aanmaant om het rustiger aan te doen. Tijd om rechtsomkeer te maken.

Thuis neemt hij een douche, eet iets en zet zich in de zetel met een appel. Hij kijkt even naar zijn loopschoenen in de hoek en betrapt er zich op dat hij al stiekem naar morgen verlangt. Naar het moment waarop hij ze weer mag aantrekken.

Beautiful Day

Tjah. De laatste dagen heb ik een paar moeiljke momenten doorgemaakt. Met details en zo ga ik jullie nu ook niet lastig vallen. Wel keek ik nu niet bepaald uitkeek naar vandaag.

Ondertussen heb ik terug wat vrede met mezelf kunnen sluiten. Ik ga proberen om vandaag niet teveel te piekeren en er gewoon een fijne dag van te maken. En vanavond trakteer ik mezelf op zijn minst op een zelfbereid feestmaaltje en een lekker wijntje.

En speciaal voor iedereen die er nog aan mocht twijfelen: Bono heeft fucking gelijk! It’s a damn beautiful day!

Volume op 12 en voluit meebrullen is het advies! Een gelukkige aan iedereen gewenst!

Nachtelijke goesting

Kijk. Ik kan daar niets aan doen. Maar als ik bij nacht en ontij op stap ben, dan krijg ik vaak op een ontiegelijk vroeg uur – of eerder laat op de avond zo u wil – goesting in vettigheden. Dan ben ik eigenlijk niet te houden en moét ik mijn kwelduivels het zwijgen opleggen door naar de dichtstbijzijnde frituur of gelijkwaardige zaak te stappen.

Wat ik ontdekt heb aan Brugge is dat naast mijn favoriete toog, er ook nog wel flink wat pitabars open zijn. Zo had ik gisteren tussen 12 en 1u zin in pitta kebab. Dus trokken we met richting binnenstad om bij Eli, de plaatselijke pittaboer in de Langestraat, een stevig broodje Turks met cocktailsaus te prikken. Nachtelijke pitta smaakt altijd nog zoveel beter. Zeker als ze van Eli komt omdat hij volgens mij toch wel de betere pitta van de stad serveert.

Hoewel ik groot fan ben van looksaus vind ik dat dan weer een nono op dat uur van de nacht. Het vooruitzicht een paar uur later in bed te liggen met een looksausmondje spreekt mij niet erg aan. En het ontwaken in de morgen… afin, dat laat ik aan uw verbeelding of zelfs eigen ervaringen over. Cocktailsaus dus. Maar dat drukt de pret absoluut niet.

Natuurlijk wordt die dan achteraf verder doorgespoeld eenmaal terug aanbeland in het jeugdhuis.

Eniehoe, voor mij is een midnight snack veelal dus een onontbeerlijk gegeven voor een avondje stappen.

Opgerookt

Volgens mij is er nauwelijks een goede reden om geen totaal rookverbod in de horeca op te leggen. Als niet-roker is roken immers iets waar ik mij aan kan dood ergeren (pun not intended!).

Roken is ongezond. Zowel actief maar ook passief. Zowel voor de stamgast als voor het horecapersoneel. Ik denk dat daar weinig twijfel over kan bestaan. Geen zinnig mens staat de rook van brandend gras, brandhout, hulst, papier,… te inhaleren. Waarom zou de combinatie van in vloeipapier gerolde bladeren van één of andere exotische oerwoudplant minder schadelijk zijn? (Think about it!)

Sigarettenrook is een agressieve pestgeur. Sorry. Peststank. Het probleem is dat sigarettenrook, wel, tout-court rook is. En rook discrimineert nu eenmaal niet maar luistert naar de rigoureuze regels van de fysica. Eén roker kan de atmosfeer van een ruimte gemakkelijk bepalen. Zelfs al is dat ongewild. En dat heeft zo een aantal onzalige gevolgen.

  • Smaak wordt voor een flink deel bepaald door je neus. Knijp maar eens je neus toe en bijt in een banaan. Je zal het verschil merken. Wel, probeer maar eens te genieten van een lekkere thee, koffie, chocomelk (in season!), pint of een glas wijn. De aroma’s worden zó overklast door de agressieve rookgeur. Halleluja dus voor het rookverbod in restaurants!
  • Je kleren mogen de was in na een avondje stappen. Een vergelijking: enkele jaren geleden hebben we hier brand meegemaakt. Als je na een paar uurtjes werk uit een huis met rookschade komt, dan stinken je kleren een uur in de wind. Wel, een wasmand kleren met verschaalde sigarettenrook ruikt ongeveer hetzelfde. Niet fijn als je ’s ochtends wakker wordt. Ik begrijp dan ook niet waarom sommigen durven beweren dat sigarettenrook niet stinkt.
  • Niets zo ergerlijk om ’s ochtends op de trein een roker van wie de walm uit de kleren de coupé vult, naast je te hebben zitten. Als ik zelf uit een café of zo kom en mezelf terugvind op trein, bus of weet ik waar, dan heerst er een gevoel van plaatsvervullende schaamte. Als vrijgezellige mens zijn kleren die ongewenst stinken naar sigaretten géén troef, trouwens.

You get my point. Ik vind het eerder onbegrijpelijk dat omringende landen wel een totaal rookverbod kunnen afdwingen, en dat dat hier dan niet kan. De horeca schermt met omzetcijfers. Begrijpelijk want in deze tijden waar de meeste faillissementen juist in de horeca worden opgetekend, is verlies van klanten wel het laatste wat ze willen. Omgekeerd ben ik er van overtuigd dat ook zonder rookverbod, inkomsten worden gederfd: het durft nogal voorkomen dat ik aan de deur van een kroeg stop wanneer een sigarettenwalm mijn neus alarmeert. Omgekeerd ben ik geweldig fan van ons rookvrije jeugdhuis waar ik in het weekend kan genieten van een pintje zonder prikkende ogen of de zorg dat ik ’s ochtends onfris ruikend uit bed zal stappen…

Laat maar komen denk ik dan zo.

PS: dan vind ik de elektrische sigaret best wel nog een interessante uitvinding…

Guess I’m doing fine

De Kerst en Nieuw is voor de meeste mensen een periode van vrede, cadeautjes, familie,… Ten huize van is het traditioneel ook een periode waarin we meteen al een kleine portie rampspoed krijgen voorgeschoteld. Meestal gaat het om kleine dingen: een mislukt kerstmaal of zo. Afgewisseld met kleine ongevallen of zieken. Soms valt het al eens iets zwaarder uit. Ons huis dat net niet in de as werd gelegd op kerstdag 2001 door een geïmplodeerd TV toestel bijvoorbeeld. Ik bekijk het wat laconiek: wat we in de eerste dagen van het jaar te verwerken krijgen, daar zijn we voor behoed de rest van het jaar.

Dit jaar verliep het nochtans allemaal positief. Geslaagde feesten en geen noemenswaardige problemen. Ook oudejaar verliep in een fijne sfeer. We zouden dus 2008 behouden kunnen beginnen.

Of toch niet.

Bij het ontwaken op 1 januari 2008 werd ik meteen geconfronteerd met de keiharde realiteit: hondsziek! Ik had de avond voordien niet overdreven. Mijn weerstand moet in de laatste dagen van 2007 een flinke knauw hebben gekregen en één of ander beestje heeft zich meester van mijn lijf gemaakt. Ik heb gisterenmiddag met koortsvlagen en hoofdpijn in mijn bed doorgebracht.

Kers op de taart was wel toen ik gisterenavond rond half elf uit mijn koorstdelirium werd geschreeuwd door mijn broer: uit mijn plafond was er een stroompje water beginnen lekken. En nog niet eens zo’n klein beetje want er stond al een flinke plas water naast mijn bed. In allerijl werden er emmers en dweilen aangerukt en stonden we met kasten, boeken en curverboxen te sleuren. Gelukkig vonden we een loodgieter bereid om ons uit de nood te helpen. Nu blijkt de boiler op de zolder het te hebben begeven. Letterlijk. Voorlopig zitten we zonder warm water en mogen onze vrienden van de verzekering weer eens in actie schieten. Verder heb ik de komende dagen flink wat werk om het slagveld wat op te ruimen. Maar eerst verder uitzieken.

Ik houd hier en nu vast aan mijn boutade: als ik alle miserie voor 2008 reeds gehad heb, dan kan dit niet anders dan een superjaar worden.

Durven

Nog een grote 48 uur en het is 2008. Jaaroverzichten, daar ga ik niet mee beginnen. Zeker niet voor 2007 want dat was eigenlijk een fucking bewogen jaar dat ik er niet nog eens aan moet worden herinnerd. Wat dan wel? Vooruit kijken! En nieuwjaarsbeloften! Ja, ik zou meer willen koken. Ja, ik zou meer aan sport willen doen. Ja, ik zou meer boeken moeten lezen en minder tv kijken. Ja, ik zou meer of minder dit of dat moeten doen oflaten. Ja, ik zou eens werk kunnen maken van mijn rijbewijs.

Eigenlijk is het todolijstje net iets te lang. Dus daar ga ik mij niet blind op staren. Als er één iets is waar ik werk van zou willen maken is het in plaats van willen vooral meer durven en minder piekeren. Durven keuzes te maken. Durven op mijn strepen staan. Durven de handen uit de mouwen steken. Durven ondernemen. Durven voor mijn overtuigingen en meningen door het vuur te gaan. Durven te genieten van het leven.

2008 wordt wat mij betreft dus maar beter een fucking goed jaar.

Kroegentocht

Bezweet wakker worden met een droge keel en een vieze smaak in de mond.
Op de klok kijken en verwensen dat je een gat in de dag hebt geslapen.
Dikke stoppels op de kin en vettig haar waarin de geur van sigarettensmoor zich heeft vastgezet.
Proberen je te herinneren hoe koffie te zetten.
Tevergeefs wachten op warm water uit de douchekraan omdat je broers je reeds voor zijn geweest.
Onder meewarrige blik van je ouders de weekendkrant naar je toetrekken en de letters proberen te ontcijferen.
Sjieken op een taaie croissant belegd met wat boter.

Beseffen dat een gezellige kroegentocht de gevolgen nadien meer dan waard zijn.

« Vorige blogposts Pagina 11 van 20 pagina's Volgende blogposts »