Netsensei

Much Ado About Nothing

Gezondheid en Welzijn

Molly

Van een kat zeggen ze soms: je woont er mee samen, maar het is niet “jouw dier”. Katten zijn nogal eigenwijs, en onze Britse Korthaar is daar een toonbeeld van. Ze is geen pakkebeest. Ze komt niet gezellig op de schoot liggen en ze laat zich niet graag aanhalen. Ze zoekt ons gezelschap wel op, maar het is dan wel om vanop respectabele afstand ons doen en laten te bestuderen. Niet dat ze niet lief is, maar ’t is op haar manier.

Een tijd geleden was er een nestje kittens bij kennissen. Louise en haar vriendinnetjes brachten een bezoekje en waren meteen verkocht. “Oooh! Dat grijsje is superlief!! Ooooh! Hoe schattig, dat zwartje!” U begrijpt wel. “Waarom ook niet?”, dachten wij, “Een kitten kan je van jongsaf opkweken.” We hakten de knoop door en sinds vrijdagavond racet er hier een klein, grijs pluizebolletje doorheen de woonkamer.

Welkom Molly!

Tandarts

Dat het van voor de schouderoperatie geleden was dat ik nog eens op tandartsbezoek ben geweest. Hoog tijd dus voor de jaarlijkse controle. Altijd iets wat ik met een due sense of dread and trepidation tegemoet ga.

Dit jaar had ik bijna een home-run gescoord. Mijn tanden blijken zo goed als gaaf en vertonen quasi geen slijtage. Bijna. Een piepklein beginnend, oppervlakkig gaatje rechtsachter was nefast voor de feestvreugde. De aanslag was zo miniem dat de tandenmeneer meteen besloot de zaak aan te pakken en de boor ter hand te nam.

Nu, sinds jaar en dag probeer ik van de frisdrank af te blijven. En dat helpt volgens mij wel om een goed rapport te krijgen. Mocht er nog iemand twijfelen: Danira en Kobe bewezen onlangs nog wat frisdrank met tanden doet.

De Mol

Hm. Wie is de Mol? Als ik dan toch een gok zou wagen na twee afleveringen:

  1. Issabel
  2. Bruno
  3. Gilles
  4. Manuella
  5. Stijn
  6. Cathy
  7. Hanne
  8. Thibaud

Ik denk dat de kunst van het mollenwerk erin bestaat om het er ook niet al te vingerdik erop te leggen. Issabel lijkt me na twee afleveringen een goeie mol: springt niet te fel in het oog, maakt zich niet al te verdacht, draait toch goed mee in de groep. En ik gok erop dat ze leep genoeg is om haar kans te grijpen wanneer de opportuniteit zich voor doet: zoals bij dat weg stemmen van Ruth. Om diezelfde reden is Bruno voor mij de runner-up.

Cathy en Thibaud zet ik nu lager. De eerste omdat ze als een ongeleid project over komt, de andere omdat hij moeilijk te schatten is. In beide gevallen kan het natuurlijk bewuste strategie zijn, maar dat moet dan nog blijken. Marc zei “om de twee dagen wordt er iemand weg gestemd.” Dat zou betekenen dat we na twee afleveringen nog maar goed vier dagen ver zijn. Dat het spel dus drie weken duurt.  Hoe lang kan je bewust de boog gespannen houden om de verdenking op jou te laten rusten en zo je tegenspelers zich te laten kannibaliseren?

De spannink!

Verkouden: deel 2

Vrijdag. Een lange werkweek met veel vergaderingen bijna achter de rug. Tegen het einde van de middag was het vaatje leeg. Geen energie, geen fut. Tegen de avond was het van dat: verkouden met alle toeters en bellen (pun intended).

Gisteren voornamelijk doorgebracht in de canapé. Veel hoesten, krochten en koppijn. Wisselen tussen een filmpje op Netflix en dutten. Op het programma stond er nieuwjaren met de schoonfamilie. Daar moest ik jammer genoeg voor passen.

Ondertussen een goeie nachtrust gehad. Vandaag gaat het terug stukken beter.

Dat was de tweede keer in nauwelijks een maand tijd, dat ik in de lappenmand verzeilde. Als ik het weerbericht zo lees, blijft het de komende week nog koud, nat en killig. Ik zal blij zijn wanneer het eindelijk terug keert. De lichamelijke weerstand snakt naar wat zon om terug op de plooi te komen.

Een beetje ziekjes

We zijn half januari. Twee weken na de feesten en je mag er veilig van uit gaan dat ik een griepachtig ding zou gaan krijgen. Gisteren was het van dattum: de hele dag voor pampus in bed/zetel gelegen en een huisbezoek van de dokter om de diagnose te bevestigen. Vannacht het klokje rond geslapen. Vandaag voel ik een stuk minder mottig, maar het bleef toch bij zetel hangen.

Gelukkig staat Black Sails op Netflix.

Harr!

Terug in de klimgordel

Volgens mijn Swarm heb ik een streak van 4 weken in de klimzaal. Dat kan maar één ding betekenen: jawel, ik ben terug actief aan het klimmen. De schouder is voldoende hersteld.  Eigenlijk stak ik in september reeds de spreekwoordelijke teen in het water.  Op zaterdag- of zondagvoormiddag klimt er nauwelijks iemand: ik trok er dan alleen op uit om voorzichtig te oefenen.

Als je een jaar niet hebt geklommen, dan moet je terug van nul beginnen. Je kan niet zomaar de wand bestormen. De kinesist heeft me dagelijkse oefeningen opgelegd om mijn schouders aan te sterken, maar een uur traversé is toch nog steeds andere koek. Die eerste keer klimmen was dus een pijnlijke confrontatie.

Begin november ben ik terug begonnen met top rope.  Tussen traversé en top rope is er nog eens een wereld van verschil.  Die eerste klimsessie moest ik echt vechten om routes van laag niveau uit te klimmen. Na 45 minuten hield ik het toen voor bekeken. Maar content dat ik was om terug een klimgordel te mogen dragen!

Ondertussen zijn we een maand verder. Ik klim nog steeds niets boven niveau 5a.  Ik mag trouwens ook nog steeds niet meer dan één keer per week klimmen. Mijn schouder laat duidelijk weten wanneer ik in het rood ga. Maar ik merk wel de sprongen die mijn lijf maakt qua conditie.  Klimmen is trouwens niet alleen conditie, maar ook techniek: hoe kan je met een minimum aan bewegingen en energie, een stuk overbruggen? Dat ben ik niet verleerd: het verbaast me hoe snel ik op de wand terug val op oude reflexen zoals klimmen op de benen.  Wat ik wel mis is zelfvertrouwen op bepaalde bewegingen. Bijvoorbeeld  wanneer ik me mijn linkervoet op een crimp moet opduwen, terwijl ik mijn gewicht steun op mijn rechterhand en doorgrijp met links: als ik weg glijd, dan valt mijn volle gewicht op mijn rechterschouder. Eén keer meegemaakt: niet voor herhaling vatbaar.

Nu, het vraagt allemaal wel flink wat inspanning en motivatie.

’s Morgens vroeg oefeningen te doen? Yup. Pijnlijk? Hell yes! ’s Avonds ook mezelf motiveren om oefeningen te doen? Check. De dag beginnen om 7h ’s morgens bij de kinesist? Doing that. De boodschap van de dokter was dan ook vrij duidelijk: zolang ik actief wil sporten, moet ik dagelijks blijven oefenen.

No pain, no gain en al.

10 weken post op

Ondertussen ben ik zo’n tien weken post-op. Twee maanden en een beetje. Waar sta ik nu zo ongeveer?

  • Sinds twee weken rijd ik terug met de fiets. Ik leg dagelijks de 7 kilometer heen en terug naar het station af. Voor mijn operatie eindigde dat altijd met drukkende pijn vlak onder mijn sleutelbeen. Die is nu volledig verdwenen.
  • Ik kan terug alle dagdagelijkse bewegingen – van autorijden tot computeren –  uitvoeren zonder pijn. Dat was voorheen ook niet het geval.
  • Mijn arm blokkeert niet meer als ik die boven mijn hoofd gestrekt laat zakken. Mijn ROM is momenteel bijna 100%.

Allemaal goede dingen, maar een schouder is een complex geheel van drie gewrichten. Er is nog een hele weg te gaan naar de finish:

  • Actief zware lasten torsen – een flightcase in het jeugdhuis, de zware rolluik van onze slaapkamer,… – daar moet ik voorlopig nog voor passen.
  • Mijn schouder naar binnen of naar buiten plooien (denk: portefeuille in de achterzak steken) doet nog altijd pijn.  Die vermindert wel week na week, maar ik mag rekenen dat daar nog een lange weg te gaan is.
  • ’s Morgens sta ik op met een spieren die wat tijd moeten krijgen om los te komen.

Medicatie neem ik niet. Als mijn schouder zeurt, dan is het gewoon kwestie van een andere houding te vinden. De kinesist zie ik nog steeds drie keer per week.  Ondertussen zitten we volop in de actieve oefeningen: met lichte gewichten en zo werken. Thuis werk ik dagelijks enkele sets af met mijn Theraband. Oefening en tijd geven om rustig aan kracht te winnen zijn de sleutel.

Was het een goede zaak om mij te laten opereren? Absoluut. Ik ben vandaag beter af in vergelijking met enkele maanden terug. Nu de zomer in om de rest van de weg af te leggen.

Oneerlijk

Het moet ergens in 2006 geweest zijn dat we elkaar tegen het lijf liepen. Op een BlogCom of een Blog Awards. Ik weet het mij niet zo goed meer. Ik herinner me wel de fijne jongedame die ik er toen ontmoette. 

Sindsdien volgden we elkaar virtueel en kruisten ook in het echte leven onze paden wel eens.

Ik herinner me hoe je mee deed met onze eerste bescheiden poging om een Brugse stadsblog te starten. En de korte periode dat we even pendelvriendjes waren.

Verder leefden we elk ons leven en bekeken we elkaar vanuit de verte via de sociale media. En we zagen van mekaar dat het goed was.

En dan viel de bom in oktober vorig jaar. Kanker. Kind toch. Ik was daar niet goed van. Oneerlijk is het juiste woord. Toch niet die fijne jongedame die nog een heel leven voor zich zou moeten hebben.

In de laatste maanden kwam er geen of geen positief nieuws. Drie weken geleden stuurde ik je nog een berichtje via Facebook. Even inchecken. Je zei het toen niet zo met zoveel woorden, maar je antwoord voelde aan als afscheid. Ik kon toen niet vermoeden dat het zo snel zou gaan.

Waar je ook bent, Evelien, rust zacht! 

Post op

Ik ben een week post operatie en alles gaat goed. Ik had mij voorbereid op veel pijn en ongemak maar dat valt allemaal zeer goed mee. Het operatieverslag vertelt me dat er minder werk nodig was dan gedacht.

Ondertussen krijg ik passieve kine. Om de andere dag word ik gemanhandled door een therapeut. En ik doe pendeloefeningen. Ik laat mijn arm hangen en de zwaartekracht doet de rest. Het plan is om binnenkort over te schakelen op actieve oefeningen,

De voorbije week kreeg ik de betere pijnmedicatie. Als het enigszins kan probeer ik die niet te nemen. Mijn maag protesteerde en van de zware kanonnen laat de geest steken vallen. Vuil spul, pijnmedicatie.

Ik mag mijn arm voorzichtig gebruiken. Liefst voldoende om de spieren geactiveerd te houden. Ik beschik wel over wat vrijheid, maar heel wat bewegingen zijn off limits. Tanden poetsen, bijvoorbeeld. Of mijn rug drogen na een douche. Of zelfs tikken op een klavier. Alles wat een beetje kracht en tijd kost, dat lukt niet echt. En mijn arm boven mijn hoofd tillen om een pull aan te doen is vooralsnog helemaal geen optie.

Volgende maandag eerste tussentijdse evaluatie door de chirurg. Benieuwd wat die gaat vertellen.

(Dit berichtje werd geschreven met de WordPress app op mijn iPad. Een touchscreen bedienen lukt vrij vlotjes.)

Onder het mes

Volgende maand onderga ik een exploratieve kijkoperatie aan mijn rechterschouder. De chirurg gaat het scheurtje in het gewrichtskapsel herstellen en littekenweefsel weg halen. De ingreep duurt op zich ongeveer een uur waarna ik een nacht in het ziekenhuis moet door brengen. Aangezien het mijn allereerste keer onder het mes is, is het een beetje een big deal.

Nu heb ik wel een goed idee hoe zo’n operatiekwartier er van binnen uit ziet en hoe het er daar allemaal aan toe gaat. Maar het vooruitzicht om zelf als lijdend voorwerp op de tafel te liggen, da’s toch andere koek.

Ik mag rekenen op een aantal weken intensieve revalidatie om mijn arm opnieuw te leren gebruiken. Ik ben rechtshandig dus dat betekent dat ik in de eerste weken zeer beperkt zal zijn. Daarna zou het beter moeten gaan. Al zullen dagdagelijkse bezigheden zoals fietsen of een doos tillen niet voor meteen zijn.

Actief terug sport beoefenen is iets voor de lange termijn. Terug klimmen? Daar denk ik momenteel zelfs niet eens aan. Alles zal afhangen van wat de chirurg precies moet doen en hoe het herstel verloopt.

De beslissing om te opereren is al een hele tijd geleden gevallen. De agenda voor april is blanco om volledig te kunnen concentreren op herstellen.

In ieder geval is de hoop dat er een eind komt aan drie jaar sukkelen met een pijnlijke arm.

« Vorige blogposts Pagina 2 van 20 pagina's Volgende blogposts »