Dingen die wij horen te importeren

En zo komt er na twee weken in toeven in het buitenland een einde aan mijn rondreis. Morgen gaat het per auto terug richting $HOMELAND.  Ik kijk altijd eens goed rond als het gaat over zeden en gewoonten in het buitenland en ik kom altijd tot deze conclusie: dat wij onszelf on-ge-lof-e-lijk tekort doen op bepaalde gebieden.

En na mijn twee weken in Denemarken/Zwitersland is dit het verlanglijstje met de titel: “horen onverwijld te worden ingevoerd.”

  • Een eengemaakt ticket voor openbaar vervoer. Er is dus niks makkelijker dan een ticket te kopen in Zürich Lufthaven naar gelijk wel bergdorpje in de hoge alpen. Hetzelfde ook in Denemarken. One ticket for everything.
  • Een werkend openbaar vervoer. Met dat ticketje geraakte ik ook nog eens moeiteloos op bestemming.
  • Mountain Dew.  In Denemarken en de rest van de wereld wordt dat verkocht. I wants it.
  • Echte eieren, spek,… Als in: eieren die echt naar eieren smaken. Want bij ons smaakt “scharrel” en “bio” toch nog bijzonder industrieel.
  • Elektrische autootjes. ‘nuff said. Hier rijden ze er vlot mee rond.
  • WIMAX.  Ik kan dit tikken omdat het volledige bergdorp waar ik zit momenteel voorzien is van een WiFi paraplu. Gewoon even laptop open klappen of de Android ‘foon er bij nemen, en ik kan volledig gratis surfen. Dat de verbinding elke 30 minuten wordt verbroken neem ik er voor lief bij.
  • Wegenvignet. Wil je rijden op de Zwiterse wegen? Dan betaal je een wegenvignet. Geen gezeik. En met het geld worden de beste autobahnen ter wereld onderhouden. Inclusief tunnels doorheen granieten rotswanden.
  • Schone lucht. Want dat hebben ze zowel in Denemarken en Zwitserland in overvloed.

Zo. Ik weet in welke richting mijn volgende kuurvakantie zal gaan.