Netsensei

Much Ado About Nothing

Gitaar

iBand

Zei ik onlangs nog dat ik graag wat knoei met muziek? Wel, mijn nieuwe verslaving van de afgelopen 30 seconden heet Guitarist van MooCowMusic, een app waarmee je van je ipod touch of iphone een gitaar kan maken. Het is meteen de eerste app waar ik een kleine bijdrage voor heb betaald, maar ik moet zeggen: ze zit dan ook wel knap in mekaar! Het ding is responsiver dan ik had vermoed en je hebt verschillende mogelijkheden om je gitaar te ‘tunen’ zoals jij hem wil.

Uiteraard, zo’n apps zijn op zich wel leuk om te oefenen of een leuk tijdsverdrijf, en dan heb je de originele zielen die mekaar vinden en heuse mobile bands beginnen vormen. Neem nu iBand…

En dan kan ik alleen maar denken: knap, jongens! Of hoe social media ook muziek voort brengen.

Jammen

Ik denk niet dat ik zonder muziek kan. Ik loop altijd wel met mijn iPod rond en als ik mijn hoofdtelefoon op heb, dan zit ik in mijn eigen muzikale cocon. Muziek is mijn ding. Meer zelfs, in een grijs verleden heb ik nog piano en een pak andere instrumenten gespeeld. Heerlijk was dat.

Zoals dat gaat stopte de muziek toen ik naar de universiteit trok. Andere prioriteiten en zo. De afgelopen jaren heb ik nauwelijks nog achter het klavier gezeten. Ergens mis ik dat ook wel. Maar laat ik dat gemis tot nog toe nog nooit zo sterk hebben gevoeld als afgelopen vrijdagavond.

De Comma organiseert regelmatig jamsessions: gooi een paar instrumenten op het podium – of breng ze zelf mee – en laat wie zin heeft improviseren. De usual suspects deden alvast hun ding op hun gitaren en drum. Er stond ook een keyboard redelijk eenzaam te wezen. Ik moest mezelf wat overwinnen. Zou ik? Doe ik het? Kan ik het nog? Zit het er nog in? Het bloed kruipt waar het niet gaan kan en de laatste 20 minuten stond ook ik op het podium lekker mee te jammen. Het klonk volgens mij nergens naar maar daar stoorde niemand zich echt aan. Ik hoorde ook niet echt wat ik deed omdat de frontmonitor nogal stil stond.

Misschien moet ik toch maar eens wat meer tijd maken om terug een instrument vast te pakken? Gisteren liet ik alvast Bart Peeters’ Grote Gitaarboek der Lage Landen door mijn handen glijden… Al was het maar dat een dag slechts 24 uur telt.

Gitaarheld

Soms had ik gewild dat ik gitaar kon spelen. Ik zou dan een elektrische nemen. En ik zou op een podium willen staan. In een donkere, warme zaal die zindert van spanning en verwachting. Met kleurrijke spots die mij en mijn bandmaten in het licht laten baden.

Ik zou dan kijken naar de bassist en een blik van verstandhouding uitwisselen. Even laten begaan. En dan in opperste concentratie, als een wilde furie de klanken uit de snaren trekken.

Ik zou de ene riff na de andere door de versterkers de zaal willen injagen. Ik zou baden in het zweet en zweven op de drumsolo. Ik zou het publiek willen geven waarvoor het gekomen is en meer.

En als de laatste noot is gevallen, dan zou ik mij leeg en voldaan tegelijk voelen. Ik zou zonder omkijken de backstage instappen. En tussen razende roadies die al bezig zijn met de opbouw voor de volgende act, zou ik het koele water van een fles die op me stond te wachten, over mijn gezicht en lijf gieten. Om zo de laatste echo’s weg te wassen.

Als een echte gitaarheld…

Muse: the day after

Mijn stem heb ik nog. Hoewel het vanmorgen reveil om 7u30 was, lagen we pas gisterenavond om 1 uur onder de wol. En Muse? Wel, Dominiek had over de ganse lijn gelijk: goddelijk gewoonweg.

Matthew Bellamy is duidelijk een godenkind. Het sportpaleis was tot de nok gevuld en explodeerde haast toen hij en de zijnen opkwamen. Van dan af ging het twee uur keihard door zonder veel rust te nemen. Ik had ze deze zomer op Werchter bezig gezien, maar dit concert was van een heel andere, betere klasse. De setlist was een goede mengeling van oud en nieuw waarbij ze hun laatste album, black holes and revelations, quasi volledig hebben gebracht. Maar ook klassiekers, zoals Bliss en Muscle Museum, waarmee ze bij het grote publiek bekend werden schoven ze naar voren. Bellamy toonde zich zeer energiek en, zoals Domi al reeds schreef, koesterde en pijnigde zijn gitaar zoals geen ander. Hij wist perfect die energie over te brengen op het publiek, met alle gevolgen.

Vandaag is het inderdaad nog wat doormijmeren over gisterenavond en beseffen dat dit één van de betere optredens was die ik heb mogen zien.

In het voorprogramma kregen we Razorlight te zien. Die mannen van ‘America’. Ik moet zeggen dat ze wel een degelijke performance brachten. Frontman Borell ging zowaar uit de kleren en dat had hij éigenlijk niet moeten doen (ieuw, ieck. Neen, jij bent niét Anthony Kliedis!) Nu ja, uiteindelijk zijn ze wel te genieten, maar is hun muziek nu ook weer niet zó speciaal te noemen. Kortom, best entertainend en een stuk beter dan die gordijnboekaniers.

« Vorige blogposts Pagina 1 van 1 pagina's