Netsensei

Much Ado About Nothing

Sport

You made the cut

Matthias, hoe lang klim je nu eigenlijk al? Een dikke vijf jaar. Op mijn 29 ben ik begonnen. Medailles ga ik er dus niet meer mee winnen. Maar in tegenstelling tot voetbal of fietsen, is dit een sport die ik nu eens echt graag doe. Het is ook een bijzonder rijke sport waar je in kan groeien.

Ik pikte klimmen op in Antwerpen dankzij vriend J. De Wall Street was toen onze vaste prik. Na mijn verhuis terug naar Brugge, kwam ik terecht in de Bloso klimzaal en werd ik lid van de Brugse Bergstijgers.

In België kan je 4 klimvaardigheidsbewijzen (KVB’s) behalen. Dat zijn een soort brevetten die je kan behalen door een cursus te volgen. Het zijn clubs, zoals de Bergstijgers, die zo’n cursussen aanbieden. Om in de meeste klimzalen vrij te mogen na klimmen (top rope), is een KVB 1 een vereiste. Veel houdt dat niet in: twee lessen en een evaluatiemomentje. Het wordt pas interessant als je de volgende brevetten wil behalen.

KVB 2, da’s leren veilig indoor voor klimmen. Het verschil met na klimmen is dat het touw niet voor jou klaar hangt. Je bent als klimmer wel beveiligd met een touw, maar je moet dat dus zelf inpikken in boorhaken in de muur. Leren veilig voor klimmen kost je iets meer moeite en tijd. En je moet ook in wat extra materiaal investeren. Maar eenmaal onder de knie, is het wel een leuke, alternatieve manier van klimmen.

En dan is er KVB 3. Dat brevet bewijst dat je veilig op een geëquipeerde rots kan voor klimmen. Outdoor dus. Op de massieven in de Ardennen.

Ik behaalde mijn KVB 2 in 2013. Dan was er de operatie aan mijn rechterschouder en even de onzekerheid of ik zelfs terug zou klimmen. Het idee om ook outdoor te leren klimmen was dus helemaal op het achterplan geraakt in de laatste jaren. Met mijn schouder is het ondertussen quasi helemaal in orde gekomen. En aangezien ik net de kaap van de 35 heb gerond, dacht ik bij mezelf: “Nu of nooit. Dit is niet iets wat je nog eens vijf jaar moet uitstellen!”

Toen de aankondiging voor de cursus KVB 3 vorige maand werd gepubliceerd, heb ik mezelf meteen ingeschreven. De plaatsen zijn immers zeer beperkt.

Vandaag kreeg ik antwoord:

You made the cut ! Plan die weekends maar in!

Ik ga in het voorjaar van 2017 een aantal weekends in de Ardennen leren klimmen op rots! Eind juni mag ik dan examen afleggen in de hoop het brevet te behalen. Een heel mooi vooruitzicht alvast.

Het laatste brevet is KVB 4, maar dat is voor de alpinisten. Dan leer je alpine klimmen. Da’s niet meteen iets wat ik vandaag ambieer. Maar het is wel fijn om een flink stuk van de weg naar dat brevet te mogen afleggen. Had je me tien of vijftien jaar geleden verteld dat ik dit ooit nog zou doen, ik had je voor gek verklaard.

(Foto: CC0Cindy Chen)

Dispatches

Ah juist, hoe gaat dat met Ze Crib waar je even geleden over blogde?

Wel, het zat er al een tijd aan te komen: vorige week heb ik mijn handtekening gezet onder het makelaarscontract om mijn appartement te koop te zetten. Ik had het gekocht met het idee er toch op zijn minst een aantal jaartjes in te kunnen wonen. Maar eens te meer bleek het leven bijzonder onvoorspelbaar te zijn: ik trok vrij snel in bij mijn madame en haar dochter.  Alles wel beschouwd blijkt vandaag dat het op de lange duur niet echt houdbaar is om er aan vast te houden.

Naast de gemeenschappelijke kosten waarin ik thuis deel, kijk ik ook aan tegen een maandelijkse lening, de onkosten en zorgen die vastgoed met zich meebrengt. Verkopen doe ik dan ook in de hoop daar terug in rustiger vaarwater terecht te komen.

En hoe zit het met het lijf?

Na een MRI en twee bezoeken aan de orthopedische specialist blijkt dat een operatie er niet in zit. Er zit weliswaar een scheurtje in mijn pees, maar niks dat mij zou mogen verhinderen om aan sport te doen. Sinds februari heb ik niet meer geklommen en de pijn is langzaam aan het verdwijnen. Ik mag terug een rondje kine doen en mits cross training (zwemmen, fietsen en – ja – zelfs roeien) zou ik terug kunnen klimmen. Niet dat ik nu helemaal stil zit, maar ik wil mezelf nog wel een paar weken geven voor ik echt de weg terug naar de klimzaal  aanvat. Blijkt dat ook die onderneming nergens op uitdraait, is het terug richting orthopedist.

Minder fijn is dat ik mijn rechterknie tijdens het lopen heb overbelast. Momenteel zit ik aan de Gambaran, maar ik ben er toch ook weer niet helemaal gerust op. ’t Zal me benieuwen waar we daar nog gaan eindigen…

Geblesseerd

En onderwijl belandde ik deze week ook zo’n beetje  bij de radioloog. Ik heb net teveel pijn en ambetantie van mijn rechterschouder om het van mijn kant te laten gaan. Er werden foto’s genomen en met gel en sensor mijn schouder in kaart gebracht. De radioloog zag meteen het probleem: bursitis! Ontsteking van een vliesje tussen de spieren en het bot door overbelasting. Gelukkig is er dus niets gescheurd of zo. Minder leuk is dat ik de zaak voldoende rust moet geven om zich te herstellen. Hoe lang? Dat hangt af van Moeder Natuur.

Ondertussen ga ik straks mijn vierde week in zonder sport. Als voormalig onsportieveling is het nogal bevreemdend om vast te moeten stellen dat stil zitten nogal frustrerend kan zijn. Ik moet het wel volhouden tot de pijn bij het bewegen weg is en ondertussen tijdig soigneren met een ijspak.

Hopen dus dat het niet iets is waar ik héél lang mee op de sukkel ga blijven. In september gaat hier in Brugge de nieuwe klimzaal open, heb ik begrepen, en daar wil ik maar wat gebruik van kunnen maken.

Bouldering

Tot april kon ik quasi wekelijks toprope klimmen in de Wallstreet in Antwerpen. Maar sinds mijn verhuis ligt dat wat moeilijker. Soms trek ik ’s avonds vanuit Gent nog naar Antwerpen om er te kunnen klimmen met J. Maar het blijft wel een hele uitdaging om tot daar te geraken.

Klimmen doe ik nochtans graag. Het voorbije jaar heb ik gemerkt dat wekelijks aan een muur hangen toch wel een serieuze impact heeft gehad op mijn fysiek. Niet dat ik nu opeens een gespierde bundel ben geworden, maar ik ben ook niet meer de slappe, sedentaire medemens van vroeger. En dus wil ik dat graag blijven volhouden.

Deze week ging het dus voor het eerst richting klimzaal Bleau. Nu, zij bieden geen toprope klimmen aan maar boulderen. En dat is een groot verschil. Bij het eerste hang je gezekerd aan een touw en klim je een hele afstand omhoog. Met af en toe een overhang of een paar moeilijke punten. Bij boulderen klim je slechts een kort, technisch stukje op een rotsblok of -wand. Niet dat het zoveel makkelijker wordt, integendeel. Het vraagt minstens zoveel inspanning.

Het mooie aan boulderen is dat je het op je eentje kan beoefenen. En dat deed ik dus: op mezelve richting klimzaal. Nu ja, het is duidelijk een sociale sport want voor ik het wist trok ik op met één van de meer regelmatige klimmers. Verder was ik ook nog eens op een deftig uur thuis, dus dit is best wel een goed alternatief om toch mijn fysieke fix te krijgen.

Morgenavond kan ik gaan klimmen in Antwerpen en woensdagavond trek ik weer ten boulder in Gent. Hoeze!

Muurklimmen

Tegenwoordig doe ik wekelijks aan sport. Met van beweging doen en al. Sport is anders niet iets wat meteen in mijn aard ligt. Sinds ik de collegepoort twaalf jaar geleden achter mij dicht gooide, is bewegen op frequente basis niet iets wat hoog op de prioriteitenlijst stond. Maar ik ben er een tweetal maanden geleden toch mee begonnen. Huisbaas J. stelde toen voor om wekelijks te gaan muurklimmen. Nu, ik had in het verleden wel al een keer of wat aan een muur gehangen. En toen ik klein was zat ik meestal wel ergens in de bomen in de achtertuin van mijn ouders. Klimmen vind ik dus wel leuk… en sindsdien hang ik dus quasi wekelijks aan de muren van klimzaal Wallstreet in Antwerpen.

Muurklimmen is eigenlijk een uitdagende sport. Je hebt een muur met gekleurde knoppen. Een kleur staat voor een route naar boven en je hebt er in allerlei moeilijkheidsgraden. Het komt er op neer om in je hoofd uit te stippelen hoe je een route wil aanpakken. Sommige stukken zijn een kwestie van pure kracht, op andere komt het erop aan een subtiele balans van zwaartepunt, evenwicht en zwaartekracht te vinden. Het geeft heel veel voldoening om zo steeds moeilijkere routes te overwinnen.

Verder is het ook pure krachttraining. Na een eerste keer een uurtje klimmen waren mijn benen, armen en handen oncontroleerbare rubberen dingen aan mijn lijf waar ik geen blijf mee wist. Nu kan ik een tweetal uurtjes relatief gedoseerd klimmen volhouden. Kwestie van oefening op techniek (benenwerk!) en training. Ik merk ook dat er meer kracht in mijn lijf zit dan twee maanden terug. Toen kon ik met moeite een tiental keer pompen. Nu haal ik vrij makkelijk 30 pushups. *trots*

Om te kunnen klimmen heb je wel wat materiaal nodig: klimschoenen en een gordel. Ik heb geïnvesteerd in goedkope schoentjes (even de kat uit de boom te kijken) en een gordel huur ik in de zaal. Maar ondertussen ben ik er wel uit om dit wat serieuzer te nemen en een beginnerscursus te volgen. Investeren in iets degelijker materiaal is een must.

Nu, veel muurklimmers zijn ook rotsklimmers. Dat laatste is naar het schijnt een andere discipline dan het eerste. Ik heb dan ook niet meteen de ambitie om bergen met steile rotswanden en kliffen te beklimmen. Maar een uitdagend stuk muur in een veilige zaal? Anytime!

Zweet

Mag ik even uitwijden over een verschijnsel waar we de laatste dagen allemaal onderhevig aan zijn? Zweet! Jawel!

Het is het vochtige goedje dat uw huid op deze nogal warme dagen weet uit te persen en dat hoogst verguisd wordt. Het hoopt zich op in allerlei lichaamsholten waar we het niet liever niet hebben, het plakt, het stinkt en het kriebelt. Met van tijd stevig douchen gaan we het zaakje te lijf. En als dat niet helpt dan wapenen (de meesten onder) ons zich maar met een flinke bus deo.

En toch is zweet meer dan een mix van H20 en allerlei minderalen.

Ondanks de warmte werk ik dezer dagen in het zweet mijns aanschijns. Onderschat dat niet, programmeren, want met een deadline in het vooruitzicht op zoek gaan naar de meest efficiënte oplossing is geen sinecure. Zweet gegenereerd door hard labeur heeft ergens wel iets nobels.

Niets kent zoveel heroïek als het zweet van een sportmens. Van een atleet die een marathon loopt tot een coureur die een col hors categorie weet te bedwingen. Hun zweet dragen ze als een ereteken waaraan men hen kan onderscheiden als zij die een bovenmenselijke prestatie wisten neer te zetten.

We worden allemaal wel eens geconfronteerd met het koud zweet. Je kent dat wel. Rillingen gaan over je rug en opeens voel je je huid jeuken. Voor je het weet rollen de zweetdruppels over je lijf. Ongeacht of het koud of warm is buiten. Examens, de eerste kus, trouwen, de geboorte van je eerste kind, de dood van je (groot)ouders,… Sowieso zweet een mens zich door al die momenten heen.

En dan is er natuurlijk nog het angszweet. Het is er direct. Onmiddellijk. Stante pede. Geen ontkomen aan. Je trekt wit weg en je voelt je poriën zo prikken terwijl de angst om zich heen slaat. Pas als je terug bij je positieven komt valt opeens op dat je lijf nogal wat vocht kwijt wilde. Een mens wordt zich dan meteen van bewust dat hij meer dan ooit leeft.

Koortszweet is wel het laatste wat we willen. Je ligt te rillen in bed terwijl je lijf het gevecht aangaat tegen wat het ook is dat je ziek maakt. En van het ene op het andere moment voel je hoe je lichaam de temperatuur opeens lanceert naar ongekende hoogtes. Badend in het zweet lig je dan wakker met een koud compres op je voorhoofd.

Tjah, zweet… can’t live with it, can’t live without it.

links for 2007-10-23

« Vorige blogposts Pagina 1 van 1 pagina's