Gewoon

Lees ik gisteren nog dit stukje bij Ishku, dan krijg ik vandaag bij thuiskomst gelijkaardig nieuws te horen.

Vroeger, toen ik nog klein was, namen mijn ouders al eens een oppas. Dat was altijd dezelfde en ze kon ons zo bezig houden dat we onze ouders niet misten. Niet echt. Later, toen zij net lerares was, gaf ze mij bijles wiskunde. Ik bakte werkelijk niets van al die cijfertjes. Ik kreeg kop nog staartdeling aan al die cijfertjes. Met ijzeren discipline maar ook met veel begrip loodste zij mij door de getallenleer in de basisschool. Regel van drie, meetkunde, cijferen,… ze wist het mij allemaal zo eenvoudig duidelijk te maken. En ik ben haar daar altijd heel erg dankbaar voor geweest.

Vandaag is ze directrice en het is inderdaad al een hele tijd geleden dat ik nog van eens wat nieuws van haar had gehoord. Je weet wel: het Leven. Thuis kreeg ik nu net te horen dat er bij haar een tumor is gevonden. Een grote. Eerst had ze last van haar oren en dachten de dokters dat het gewoon een oorontsteking of zo was. Maar dan bleek dat het veel meer is dan dat. Begin december moet ze onder het mes voor een zeer risicovolle operatie. Misschien wel met blijvende gevolgen. En dan heel lang revalideren. Dat staat nu al vast.

Het doet inderdaad wel raar. Ze had haar leven opgebouwd en helpt kinderen met leerachterstand. En nu blijkt ze doodziek te zijn. Letterlijk. Those who least deserve it… denk ik dan zo.

Hoge mate van suckage in ’t leven…