Netsensei

Much Ado About Nothing

Bloggen

Blog questions challenge

Via Hackernews kwam ik terecht bij localghost.dev, en daar vond ik deze leuke blog questions challenge. Het is lang geleden dat ik nog zo eens een vragenlijstje heb beantwoord, dus tijd om daar verandering in te brengen, en dit zijn best wel leuke vragen.

Waarom ben je begonnen met een blog bij te houden in de eerste plaats?

Ik had rond de eeuwwisseling wel enkele websites gebouwd, maar die hield ik niet lang in leven. Ergens in 2002 hoorde ik voor het eerst over bloggen. Rond die tijd ben ik beginnen experimenteren met Movable Type. Daarna ben ik beginnen meesurfen met de populariteit die weblogs kregen. Het was vooral een leuke manier om andere mensen te leren kennen en te experimenteren met nieuwe technologieën zoals RSS syndication, pingbacks, permalinks,…

Met de komst van sociale media, de toegenomen centralisatie en commercialisering van het Web, schreef ik lange tijd veel minder. Maar zoals localghost schrijft, zijn er nog steeds goede redenen om een persoonlijke website bij te houden. En meer dan ooit in deze tijd, is het van belang om los te komen van die grote tech bedrijven, die alle data over iedereen opzuigen.

Welke platform gebruik je om je blog te beheren, en waarom koos je hiervoor? Heb je ooit andere platformen gebruikt?

Ik gebruik hugo, een static site generator. De output is een hoop HTML files in een boel folders. Ik huur een eigen virtuele server bij Hetzner waarop ik de site host. De code en de content van de site bewaar ik op GitHub. Via GitHub Actions wordt automatisch een nieuwe versie van de site naar de server gestuurd wanneer ik een nieuwe blogpost publiceer.

Zo’n statische site is een groot gemak. Ik heb 20 jaar lang WordPress gebruikt, maar de laatste jaren was ik steeds minder tevreden met de richting waarin WordPress evolueerde. Gericht op marketing, complex, te veel toeters en bellen. De Gutenberg editor kon ik niet smaken. En bovendien heb ik niet langer de energie om zo’n content management systeem regelmatig van updates en upgrades en what-not te voorzien.

Hoe schrijf je je blog posts? Gebruik je een lokale editor, of een dashboard dat deel is van blog software?

Hugo werkt met bestanden in Markdown. Soms gebruik ik Neovim, en schrijf ik in de terminal, soms gebruik ik Visual Code. Markdown is meer dan voldoende om een blogpost te schrijven. Ik schrijf dus in een tekstbestand op mijn laptop. Wanneer ik klaar ben stuur ik ze naar GitHub, de rest gebeurt automagisch.

Ik heb een aantal shell en Python scripts geschreven om de talloze files en folders makkelijk te kunnen beheren, en een ander te automatiseren.

Wanneer voel je je het meest geïnspireerd om te schrijven?

Vroeger was het eenvoudig, dan schreef ik bijna dagelijks een stukje over ik-weet-niet-wat. Zo deed iedereen dat. Oer-blogger Michel V. was - en is nog steeds - een grote bron van inspiratie.

Ik ben een overdenker, en dat speelt me al heel wat jaren parten als het om bloggen gaat. Wie gaat dit lezen? Is dit wel een onderwerp voor een lifelog? Zijn dit niet teveel woorden? Wil ik Samuel Pepys gewijs een dagboek bijhouden, of eerder long-form schrijven? Moet ik niet overschakelen naar het Engels? Is het wel de moeite om dit vol te houden nu iedereen naar sociale media silo’s is verkast?

Net daardoor ben ik een pak minder beginnen schrijven vergeleken bij vroeger.

Ik voel me tegenwoordig geïnspireerd door anderen die schrijven. Wanneer ik tijd heb om op het Web anderen te lezen. Wat bij deze blogpost zo’n beetje het geval is. Of omdat een onderwerp mijn aandacht zo hard beet heeft, dat ik gemotiveerd ben om er iets over te schrijven.

Of ik terug quasi-dagelijks ga pennen zoals vroeger? Dat zie ik dus niet meteen gebeuren.

Publiceer je onmiddelijk dat je iets geschreven hebt, of laat je iets stoven als een draft?

Korte stukjes publiceer ik onmiddellijk, zonder hard na te denken. Soms vergeet ik zelfs na te lezen waardoor er wel eens schaamtelijke dt-fouten in mijn schrijfsels sluipen. Vaak gaat het om een fait-divers waar ik in het moment zelf vlug iets over schrijf.

Langere stukjes hou ik in een draft bij. Dan schaaf ik in meerdere etapes bij tot ik tevreden ben.

Wat is je favoriete blogpost op je blog?

Zei ik al dat ik een overdenker ben? Ik laat deze vraag dus graag aan mij voorbij gaan.

Heb je plannen voor je blog? Misschien een redesign, een ander platform, of een nieuwe feature?

Momenteel ben ik aan het schaven en allerlei kleine verbeteringen aan het aanbrengen in de HTML en de configuratie van Hugo. Er ligt nog best wat werk op de plank om te optimaliseren voor allerlei browsers en devices. Verder ontbreekt het nog aan treffelijke foutpagina’s, en hoe ik afbeeldingen weergeef en beheer, daar is nog een pak werk aan.

Een redesign is voorlopig niet aan de orde. Er is nog best wat ruimte om het huidige theme verder te verfijnen en uit te werken. Ik ben geen designer, dus iets heel ‘gelekt’ ga ik ook niet snel produceren.

Het kriebelt wel om inhoudelijk iets meer van deze site te maken, dan de eenvoudige blog die het nu is. Alleen weet ik nog niet in welke richting het gaat evolueren. Of misschien is het ook gewoon goed zoals het nu is. Overdenker, ik, weet-je-wel.

Who’s next?

Ben je tot hier geraakt? Heb je zelf een blog? Tag, you’re it! Of misschien inspireert je dit om de vragen zelf, op je eigen blog, te beantwoorden. In ieder geval, ik vond het een leuke oefening om hier even over na te denken, en te schrijfselen.

Bloggen anno 2023

De voorbije jaren stond het bloggen op een laag pitje. Aan stof om over te schrijven geen gebrek. Het gebeurde gewoonweg niet. Daar wil ik verandering in brengen.

In 2021 schreef ik op mijn andere blog dat ik geen fan meer ben van WordPress. Dat was ooit een geweldige tool om een blog mee bij te houden. Maar doorheen de jaren is dat, Drupal achterna, naar een beest om complexe web experiences mee te bouwen. WordPress vervangen door een alternatief is de kapstok geworden om een nieuwe doorstart te maken.

Deze blog wordt maakt gebruik van Hugo, een statische website generator. Ze bestaat uit een hoop statische HTML pagina’s die vanaf een boel Markdown documenten wordt gegenereerd. Niks geen MySQL databanken, PHP, tig WordPress plugins,… die om onderhoud vragen.

Ik gebruik een tekstverwerker - bijvoorbeeld vim - om een post als een Markdown document te schrijven. Met git stuur ik het document naar GitHub. Een GitHub Action pikt de wijziging op en start een pijplijn waarbinnen Hugo een nieuwe versie van alle HTML genereert, en die via rsync naar een webserver stuurt. Geheel geautomatiseerd en al.

Er is ook een volledig nieuwe layout en inhoudelijke structuur. Ik heb alles bewust zo eenvoudig mogelijk gehouden. Er zijn geen categorieën, geen archiefpagina, geen zoekfunctie,… meer. Er is enkel een gepagineerde stroom van posts, een handvol losse pagina’s en een RSS feed. Net zoals een dagboek. Voor de nieuwe layout koos ik bewust voor een sobere retrowave vibe.

Nu ik het technische uit de weg heb, is het toch de bedoeling om van regelmatig bloggen terug een goede gewoonte te maken.

Thought spaces

Dries denkt sinds een aantal weken over bloggen anno 2018. En ik volg met veel interesse hoe zijn gedachten ontwikkelen.

Social media hebben in de laatste jaren de lat om online te publiceren zeer laag gelegd. Gelijk wie kan in no time een profiel aanmaken op een sociaal platform en een ruim publiek bereiken. Alleen is het zo dat die platformen eigenlijk “afgesloten tuinen” zijn. Status updates, foto’s, instant articles,… ze zijn nauwelijks vindbaar, laat staan toegankelijk, buiten de muren van zo’n platform. Als je gebruiker moet je je bovendien conformeren aan de voorwaarden en de beperkingen van zo’n platform. Probeer maar eens een hyperlink te leggen in een tekst in een Facebook post om maar iets te zeggen. Hoe groot Facebook en Twitter ook mogen zijn, het Web is vele malen groter, rijker en diverser.

Ik schreef zelf al eerder over dat probleem en waarom ik meer zou willen bloggen. Maar tot nog toe vecht ik met het hoe, _waarover _en voor wie. Je kan evenmin bezwaarlijk zeggen dat ik veel blog. Als in dagelijks of wekelijks.

Dries worstelt met dezelfde vragen, en dat leidt tot interessante discussies in de commentaren. En het heeft ook mezelf aan het denken gezet.

Wanneer ik terug blik, dan stel ik dit vast.

  1. Dit is een persoonlijke blog. En meteen het langst lopende project in mijn leven. Ik schrijf over wat ik op mijn weg tegen kom. Dat was en is de idee althans.
  2. Technologie is een belangrijk aspect van mijn identiteit, maar ik heb altijd geworsteld met het idee om veel over technologie hier te schrijven. Uiteindelijk ben – geheel volgens de Zeitgeist – een aparte blog gestart.
  3. Alleen schrijf ik tegenwoordig veel minder op beide blogs dan ik aanvankelijk had verwacht. Bovendien beperk ik mij in de laatste jaren op deze blog slechts tot wat ik consumeer, en niet wat ik creëer, ervaar of denk.
  4. Ik pen hier voornamelijk in het Nederlands. Maar daar beperk ik mijn bereik eigenlijk enorm mee. De wereld en het Web is veel meer dan Vlaanderen alleen.

Daarom zette Dries’ blogpost Reclaiming my blog as my Thought Space met een verwijzing naar Om Malik, mij aan het, welja, denken. Het idee dat een blog eerder een ‘denkruimte’ is waarin je je gedachten kan laten ontwikkelen is een veel interessantere benadering dan louter het vakje ‘techblog’ of ‘lifelog’.

Vooral deze bijdrage van Roy Scholten:

I’ve been going back and forth about this as well. I don’t even write the long pieces, so it resulted in many short bits and pieces not getting posted at all. I don’t have the readership you have, but my conclusion was “anything goes” just to get the flow of content going: http://www.yoroy.com/2018/anything-goes

Het paradigma ‘anything goes‘ is een goed instrument om terug naar te grijpen om de beperkingen waar ik mee worstel te door breken. Daarom dus dat het idee om dit te proberen:

  1. Taal mag niet langer een factor zijn. Verwacht dus ook af en toe iets in het Engels.
  2. Ik blog even goed terug over het technische in plaats van dat aspect uit te sluiten.

Hoe dat precies in zijn werk zou moeten gaan, dat vraagt nog wat denkwerk. Het voornaamste is dat ik gewoon terug begin te schrijven.

40 dagen bloggen

*tjirp tjirp tjirp tumbleweed*

Ouch. 40 dagen lang elke dag bloggen: ik stel vast dat mij dat niet is gelukt. Lig ik daar wakker van? Goh. Neen. Niet echt. Ik verkoos om aan andere dingen in mijn leven prioriteit te geven. Life as it happens. Was ik er mij van bewust dat ik niet blogde? Ja. Absoluut. Bewust leven is bewust kiezen om iets te doen of niet te doen. Ik vind het al een grote stap om te beseffen dat ik veel minder blogde, en ook waarom ik veel minder blogde dan ik had verwacht.

Het is niet omdat ik niet dat blog dat ik niet schrijf. Integendeel. Zo schreef ik, onder andere, in maart een essay als antwoord op Merette Sanderhoff’s Open Access Can Never Be Bad News. Ik heb dat stuk bewust niet gepubliceerd voor de paasvakantie. Het vraagt nog wat inhoudelijk schaafwerk. Door er even tussen uit te zijn geweest, kan ik met een frisse geest mijn eigen werk redigeren. Reculer pour mieux sauter.

Tot zover de apologetiek. We blijven proberen.

Achter de schermen: mijn werkplek

Ouch. 40 dagen bloggen. Blijkbaar passeren er meer dagen tussen blogposts, voor ik er erg in heb. Woeps! Wel. Deze vraag wilde ik wel al even beantwoorden.

Waar blog je? Toon ons je werkplek!

Mijn werkplek
Mijn werkplek

Dit is de situatie deze middag. Een beetje duister, wat rommelig en eigenlijk is dat ook onderdeel van het verhaal. Wegens acuut plaatsgebrek hebben we een bureau in een benepen hoek achteraan ons appartement geïnstalleerd. Bovendien is het een ruimte waar het tijdens de donkere dagen niet al te warm of gezellig zitten is. Mijn tijd achter het scherm breng ik dus eerder door in mijn Poang zetel in de living. Of, zoals nu, aan de keukentafel.

In ons nieuwe huis is er een echt volwaardige bureauruimte die we ook proper gaan inrichten. U begrijpt dat ik daar hard naar uitkijk. Al was het maar omdat ik sinds jaar en dag verlekkerd snuister door /r/battlestations en Room Tour Project van RandomFrankP volg.

Wat zien we op de foto?

Er staan twee computers. Een Macbook pro waar ik op aan het programmeren was. En een desktop / gaming PC die ik vorig jaar bouwde. Van die laatste daar heb ik op Tweakers een build log (inclusief foto’s van de bouw) gegooid. Jammer genoeg gebruik ik dat toestel minder vaak dan ik had gedacht. Wat ik wél gebruik is de Dell Ultrasharp U2515H Zwart beeldscherm. Superaanschaf was dat. Heel veel kwaliteit voor een eerlijke prijs. Ik heb exact hetzelfde op het werk besteld wegens zo tevreden.

Je ziet ook twee toetsenborden. Het eerste is ye olde Apple keyboard. Je kan veel beweren over Apple tegenwoordig, maar hun toetsenborden die gaan best wel lang mee. Het achterste toetsenbord is een Cooler Master QuickFire Rapid-I. Dat is een pur sang degelijk, lekker zwaar, mechanisch toetsenbord met een voldoening gevend klakker-de-klak wanneer je vlotjes over de toetsen heen gaat. Met dank aan /r/mechanicalkeyboards waar nog meer van dat soort hebbedingen te vinden is. De muis is een Logitech MX500, een model dat ik al dik 10 jaar bezig.

Verder zie je ook een Blue Snowball microfoon. Af en toe gebruik ik die om een geluidsopname of een screencast te maken. Goeie kwaliteit tegen lage prijs.

Last but not least staat er op de foto ook een Schatkist vol Geluk. 52 kaarten met tips & uitdagingen voor elke week van het jaar. Nog een challenge die op mij ligt te wachten.

16/17

Acht januari. Driekoningen is net gepasseerd. 2017 is goed en wel ingezet. 2016 afgesloten. Wat een jaar was het. Een mooi jaar en een bewogen jaar. Er is veel om over te reflecteren. Waar moet ik beginnen? Hm. Niet eenvoudig. Laat ik beginnen bij het meest concrete: mijn blogje.

Een jaar geleden nam ik me voor om terug actiever te bloggen. Ben ik daar in geslaagd? Wel, ik klokte vorig jaar af op 44 blogposts. In 2015 waren er dat slechts 20. Een aanzet van een opwaartse trend, zowaar. Evenwel ver onder topjaar 2011 met zijn 139 blogposts. De herlancering van mijn blog op het einde van november is een belangrijk moment geweest. In de laatste weken van het jaar schreef ik nog 11 blogposts. Cijfers zeggen niet alles. Wat er echt toe doet is de waarde van het schrijven zelf. En dus hoop ik in 2017 in een comfortabel ritme te kunnen vallen en verder te groeien in mijn eigen schrijfkunsten. Zonder al te veel verwachtingen overigens.

Voor de wereld was 2016 een bewogen jaar. Er is genoeg stof om in een continue staat van verontwaardiging en moedeloosheid te leven. Er was een tijd dat ik dagelijks met de nodige zin voor nieuwsgierigheid ’s morgens de papieren krant las en ’s avonds het journaal bekeek. Ik laafde mijn dorst naar kennis aan trage, zorgvuldig gecureerde, analoge informatiestroompjes. Vandaag is dat anders. We worden overspoeld door een ware stortvloed aan informatie via sociale en andere media outlets. 24/7 on. Geen rust. Geen pauze. Harder. Sneller. Dichter. Hoge definitie. In 2016 ben ik bij mezelf daar echt serieus vragen bij beginnen stellen. Tijd voor een digitale detox? Wel, de realiteit is wat ze is. Daar valt weinig aan te ontkennen. Maar leren leven in een wereld in verandering met de nodige zin voor mindfulness, dat zou al heel wat betekenen in 2017.

Op persoonlijk gebied is 2016 een bijzonder jaar gebleken. Er waren heel veel mooie momenten waarvoor ik alleen maar dankbaar om kan zijn. We zijn andermaal op reis geweest naar Italië én Zwitserland. We deden van flink wat uitstapjes met ons gezin. Ik kan terug voluit klimmen. Ik heb heel boeken en nieuwe auteurs ontdekt. We genoten van samenzijn met familie en vrienden. Op het werk heb ik heel wat mogen bijleren en realiseren. Het was een vol jaar. Dat zeker. Maar er is ook een stevige reality check geweest met flink wat persoonlijke groei en groeipijnen. Tijd en boterhammen. Meer valt daar niet over te vertellen.

In ieder geval, vat ik 2017 met veel positivismus aan. Er ligt een nieuw jaar voor mij vol kansen om van elk moment te genieten en iets te maken. Hier en nu gebeurt het, dus s_mout mo je kieten_. Zo zeggen we dat in deze contreien toch. Ik hoop voor jullie hetzelfde.

(Foto: CC0 / Joshua Newton)

Een nieuwe blog

Een nieuwe blog! Een blog in’t nieuw! Een paar maanden noeste arbeid. Volharding troef, en het resultaat mag worden gezien. Er is bijzonder veel veranderd en dat was ook wel hoogstnodig. Ik was namelijk al lang niet meer tevreden over het oude ontwerp, een aantal storende bugs, achterhaalde functionaliteit en de verouderde copy. Mijn blog verkeerde in een lamentabele toestand. En dat was verre van bevorderlijk voor het regelmatig schrijven in de laatste jaren.

Ik schreef eerder reeds over mijn ambitie om hier terug te keren. Nochtans, kwatongen beweren al jaren dat bloggen reeds jaren dood zou zijn. Gelukkig zijn er mensen zoals Andy Baio en Jason Kottke die onlangs stukken publiceerden die mij van “Ja! Ja! Godverdomme, Ja!” deden knikken. En ook dichter bij huis wordt er duchtig geschreven en gepubliceerd. ’t Is dat deze madame met “you do you” zo hard gelijk heeft. En Graham Chapman wist dat 40 jaar geleden ook al. Ik keer niet terug uit een vorm van nostalgie, maar wel omdat dit domweg mijn stekkie op het web is, ongeacht wie meeleest en wat anderen doen. En omdat de het web mij juist de vrijheid geeft om dat plaatsje in te richten zoals ik het zelf wil.

Bij het omkatten van je blog hoort natuurlijk wat meer uitleg. Bij deze dus.

Het ontwerp

Ik bouwde het vorige ontwerp in 2008. Het was toen gebaseerd op dat van een bekende blogvader. Ook al heb ik me laten inspireren door anderen elders, deze keer ben ik ook op zoek gegaan naar een eigen stem en beeldtaal.  Ik heb me neergelegd bij het feit dat ik geen ontwerper pur sang ben. Maar uit ervaring weet ik wel wat goed werkt en mooi oogt. Vanuit die positie kon ik een fris ontwerp bouwen.

Het kleurenpalet heb ik gekozen via colourlovers.com en heet Let Me Eat Cake. De foto in de header komt van Unsplash (Patrick Tomasso) en is vrij beschikbaar via een Creative Commons Zero licentie. De lettertypes zijn Merriweather en het systeemfont van uw besturingssysteem. Ik tekende eerst de basis in Pixelmator, de details werkte ik uit in de browser.

Mobiel en toegankelijk

De vorige versie van de site dateerde van voor de introductie van de smartphone en was dus niet geoptimaliseerd voor mobiele toestellen. Deze versie is dat wel.  Als het goed is zou je deze blog dus ook mooi leesbaar moeten zijn op je tablet of iPhone. Ik maak dankbaar gebruik van hedendaagse technieken. Bijgevolg ondersteun ik oudere browsers niet langer en dat is een bewuste keuze. Om vooruit te gaan moet je soms durven breken met het verleden.

De inhoud

De inhoud is dezelfde gebleven. Deze blog was en blijft een lifelog. Ik wil mij bewust niet beperken tot een aantal thema’s in functie van een bepaald publiek. Ik schrijf in de eerste plaats omwille van mezelf. Dat er soms geen lijn te trekken is in de inhoud, is dus het logische gevolg. In het verleden worstelde ik met die chaos. Vandaag laat ik die strijd voor wat ze is, en ik laat mijn schrijfsels en hersenkronkels gewoon hun eigen weg volgen.

Jaren bloggen heeft een rijk archief opgeleverd. Maar dat archief was wel aan herwaardering toe. Ik heb dus tijd geïnvesteerd in opschonen en het toegankelijker maken van de oude content.

Ik ergerde mij al lang aan de wildgroei van categorieën. Ik heb die gerationaliseerd in 11 basiscategorieën. De bestaande inhoud, een 2.300 blogposts, heb ik opnieuw ingedeeld in deze categorieën.

Ik heb het archief een prominentere plaats gegeven. De zijbalk bevat nu een Archief blok en in het hoofdmenu vind je een veel beter uitgewerkte archiefpagina. Ik pakte ook de lijstpagina’s aan. Ik toon een beknopte teaser in plaats van de volledige blogpost om het overzicht te bewaren. De metselwerk grid layout heb ik dus verlaten wegens totaal onoverzichtelijk.

Tenslotte heb ik de zoekfunctie opgewaardeerd. Je komt het zoekformulier tegen op foutpagina’s en in de zijbalk. Zo kan je via een full text search doorheen mijn blog snuisteren.

De interactie

Interactie was, is en blijft belangrijk. Commentaar kan je vanaf nu leveren als geneste threads. Dat maakt antwoord en wederantwoord geven een stuk eenduidiger. Ik maak echter geen gebruik van Jetpack Comments of gehoste alternatieven zoals Facebook Comments of Disqus. Ik ben van mening dat als je commentaar, en dus content, van anderen een plaats wil geven, je daar ook zelf voor de omkadering in de hand hoort te nemen. Of toch als je die ruimte en vrijheid hebt. Een sterke derde partij die comments hosts is een ongelofelijk gemak, maar het is en blijft wel een stuk controle en privacy dat je uit handen geeft. Voor niets gaat immers de zon op.

Trackbacks en pingbacks hou ik uitgeschakeld. Het is ondertussen wel duidelijk dat die functies niet levensvatbaar zijn.

Het contactformulier is nieuw. Voorheen plaatste ik gewoon mijn mailadres op mijn blog. Alleen is het onmogelijk om te weten te komen hoe mensen mij terug vinden. Via een contactformulier kan ik daar iets beter vat op krijgen.

Onder de motorkap

Het actieve WordPress theme heet Libris, is gebaseerd op Underscores en heb ik van de grond af opgebouwd. De CSS code wordt gebaseerd met behulp van SASS en Gulp. De architectuur is losweg gebaseerd op SMACSS.

Ik maak gebruik van de meest recente versie van WordPress. Actieve plugins zijn Jetpack, Loco Translate, Contact Form 7, Regenerate Thumbnails en Compact Archives.

Deze site host ik op een geleasede virtuele server bij Linode. Ik neem het onderhoud van die server voor een flink stuk op mezelf. Tegenover de werklast staat dat het mijn kennis en ervaring over UNIX scherp houdt. En ik behoud armslag om problemen makkelijk zelf op te lossen.


Het is maar een greep uit de vele veranderingen. Sommige andere verdienen op tijd en stond nog een aparte blogpost. En verdere zullen er nog wel her en der manco’s zijn die vragen om een oplossing. Het belangrijkste is dat met het waaien van een nieuwe wind, ook de motivatie om terug meer te schrijven mag groeien.

Alvast veel leesplezier!

WordPress Calypso

Dit berichtje werd geschreven en geplaatst via WordPress Calypso. Als je dit leest, dan betekent dat alles werkt zoals het zou moeten.

Wat is WordPress Calypso?

Normaal log je via je browser in op je WordPress site en dan sla je van daaruit aan het schrijven, bewerken, beheren en configureren. Dat werkt zo reeds jaar en dag en dat werkt fantastisch. Een probleem is dat het niet zo evident is om de gebruikersinterface van WordPress zonder meer te moderniseren. Dat vraagt zowel van gebruikers als van de makers van WordPress geweldig veel tijd en inspanning. Waarom? Omdat blogging software waar een massa mensen dagelijks mee aan de slag gaan, altijd, betrouwbaar moeten kunnen werken. En browsers zijn nu net een notoir lastig beestje om een dergelijke oefening tot een goed einde te brengen.

De heren en dames van Automattic bleven natuurlijk niet stil zitten. Ze lanceerden vorig jaar een aparte desktop toepassing: Calypso. Het is een aparte programma dat ik zonet op mijn (quasi) nieuwe Windows 10 battlestation heb geïnstalleerd. Calypso laat mij toe om mijn blog te beheren zonder dat ik daaarvoor via een browser moet inloggen. De interface oogt een stuk moderner en biedt een aantal extra mogelijkheden. Ik kan meerdere sites tegelijk beheren, de interface om artikels te schrijven is sterk vereenvoudigd en alles reageert enorm performant. Zodra ik op de ‘publish’ knop duw, maakt Calypso verbinding met mijn blog en publiceert volautomatisch dit stukje in mijn plaats.

De eerste use case van Calypso is het beheer van WordPress.com blogs. Maar ook self-hosted blogs – zoals deze – kan je met Calypso beheren. Je moet dan wel Jetpack installeren en over een WordPress.com account beschikken. Verder is het een kinderlijk eenvoudig: je opent Calypso, logt in met je WordPress.com gegevens en je kan starten. Dat Calypso niet rechtstreeks met je self-hosted blog communiceert maar via het WordPress.com platform gaat, is meteen ook mijn grootste kritiek op deze toepassing: het is opnieuw een afhanklijkheid van een gecentraliseerde silo. Een dergelijk anti-patroon zie ik persoonlijk liever niet in een product omwille van privacy en een rist andere redenen. Stel dat het WordPress.com platform straks uit valt, dan zal Calypso ook niet of niet helemaal meer werken. Vanuit business perspectief zie ik de opportuniteit wel om het zo te doen – aanmoedigen van gebruik van het platform – maar voor individuele gebruikers kan dat wel eens nadelig uitvallen.

Hoe dan ook, buiten dat ik niet meer moet inloggen via een browser, moet ik nog ondervinden of Calypso uiteindelijk echt iets voor mij zal zijn. We shall see.

Van silo naar solo

Ik gaf het al aan op het einde van december: mijn blog verdient wat meer liefde. Maar waarom zou ik terug meer moeten of willen bloggen? Waarom net nu?

Het antwoord moet je zoeken in de sociale media. Die hebben in de laatste vijf jaar grote happen genomen uit mijn blog. De trivialiteiten die vroeger hier verschenen, transformeerden al snel naar vluchtige status updates, likes en shares op Facebook.  Waarom? Omdat het gewoon makkelijk was en is om via die weg een filmpje of een korte gedachte te delen met je vrienden.

Maar zo’n platformen zijn gesloten silo’s. En dat brengt nogal wat nadelen met zich mee. Ten eerste geef je met elke share of update Facebook de pap in de mond om jouw persoontje te analyseren. Ten tweede is jouw gepubliceerde content doorgaans slechts zeer beperkt toegankelijk: de zichtbaarheid van wat je deelt blijft doorgaans beperkt tot je vriendenkring. Ten derde is je profielpagina feitelijk visuele eenheidsworst: je kan hooguit wat morrelen met profielfoto’s, maar je hebt geen volledige controle over de presentatie van je profiel.

**

Net zoals zovelen heb ook ik in de afgelopen jaren een wat moeilijke relatie met Facebook gehad. Met het positieve kwam ook het negatieve: Always on, constant op ‘refresh’ duwen, de instant gratification van de like of de notification, het leven van anderen door de gefilterde bril van een feed zien,… Het deed mij meer kwaad dan goed.

In het verleden heb ik een aantal keer op de pauze knop geduwd: even een paar weken of maanden uitloggen uit de sociale media. Met succes want zo vond ik de broodnodige rust en ruimte terug in mijn hoofd.

Uiteindelijk heb ik vandaag geen Facebook of Messenger app op mijn smartphone en iPad meer geïnstalleerd. Het leven is beter zonder schreeuwerige apps die om mijn aandacht vragen.

**

We vergeten nogal snel hoe het web au fond altijd heeft gewerkt: het is een globaal netwerk van computers die met elkaar communiceren en op verzoek informatie uitwisselen. Een webserver waar jij je schrijfsels, video’s, foto’s,… op plaatst is niets meer dan een computer die permanent aan staat, aangesloten is op het internet en je mobieltje, MacBook of iPad mee communiceert.  Wil je iets op het web publiceren, dan zijn er twee manieren om dat te doen: ofwel zorg je zelf voor een computer die altijd bereikbaar is, ofwel laat je de hele technische kwestie over aan iemand anders.  Wanneer je iemand hoort orakelen over “[The Cloud][2]“, dan heeft ie dat over het laatste.

De verdienste van zo’n cloud platformen is dat ze de drempel om online je gedacht te kunnen zeggen, zeer laag hebben gelegd. Je hebt nauwelijks technische kennis nodig en je betaalt geen cent om op sociale media löss te kunnen gaan. Natuurlijk, There is no such thing as a free lunch: Je betaalt Google of Facebook door de controle over de toegang tot je content, je aandacht en je privacy grotendeels aan hen over te dragen.

Wat is het alternatief? Terug naar het Open Web! In plaats van te betrouwen op externe platformen: zelf de technische zijde regelen. Die strategie volg ik bijna anderhalf decennium met dit blogje. Ik lease bij Linode een webserver. Ik betaal daar maandelijks 25$ voor (dat lijkt veel, maar dit is niet de enige website die op die server staat). De configuratie en het up-to-date houden van de software doe ik helemaal zelf. De domeinnaam kost mij jaarlijks nog een tientje. Zo behoud ik de volledige vrijheid over wat ik online zet, in welke vorm en wie er toegang toe heeft.

IndieWebCamp vind ik in die context dan ook een mooie beweging. Zij bouwen onder andere tools die de rollen net omdraaien: je publiceert op je eigen domein/site, maar je content wordt automatisch geaggregeerd naar sociale media en andere platformen en vice versa.  Dat idee noemt crossposting: een gedachte wordt op verschillende kanalen gepubliceerd. Maar de canonieke versie staat wel op deze plaats.

Uiteindelijk is het hele idee niet nieuw: anderen schreven hier reeds ook zinnige gedachten over. Via Dries belandde ik op dit mooie stukje van oerblogger Dave Winer. Hij maakt terecht deze opmerking:

I made a mistake when I changed the format of Scripting News. Before Twitter, I had lots of short items. Here’s an example from 2006. I wrote as much as there was to say and no more. That’s how blogging should work.

Inderdaad, anno 2008 schreef ik in een stijl die enigszins doet denken aan Winers’ verwijzing naar de Dogma 2000 principes. Net zoals Winer heb ik de fout gemaakt om de korte gedachten gaandeweg te knippen waardoor het hier wat kwam te verwateren.

Een artikel van vorig jaar dat nog lang is blijven kleven in mijn achterhoofd, is The Web We Have to Save van de Iraanse blogger Hossein Derakhshan.  Hij werd omwille van zijn online publicaties in de cel gegooid en heeft de transitie naar sociale media niet actief meegemaakt. Toen hij vrij kwam, ontdekte hij hoe het web is getransformeerd. Hij omschrijft die evolutie zo:

Sometimes I think maybe I’m becoming too strict as I age. Maybe this is all a natural evolution of a technology. But I can’t close my eyes to what’s happening: A loss of intellectual power and diversity, and on the great potentials it could have for our troubled time. In the past, the web was powerful and serious enough to land me in jail. Today it feels like little more than entertainment. So much that even Iran doesn’t take some — Instagram, for instance — serious enough to block.

Genoeg redenen dus om hier terug wat meer te publiceren. Uiteindelijk ben ik hier chez moi.

14/15

We hebben de overgang vlotjes gemaakt dus tijd voor het obligate persoonlijke-jaaroverzicht-blogpostje.

De highlights van 2014:

  • Verkocht ik mijn appartement
  • Behaalde ik mijn definitieve rijbewijs
  • Organiseerden we andermaal 3 edities van Pecha Kucha Brugge.
  • Bezocht ik nog eens Amsterdam
  • Mag ik afstrepen van de Bucket list: Toscane met Sienna en Firenze
  • Kocht ik een e-reader en haalden we Netflix in huis.
  • Las ik heel wat boeken. Geen grote hoeveelheden, wel een fijne selectie.

2014 was een jaar waarin ik ook een aantal fijne zij projectjes deed.

2014 was een jaar waarin ik leerde dat uw gezondheid en conditie uw grootste rijkdom zijn. De persoonlijke calvarietocht met de schouder daar gelaten, wens ik iedereen na het afgelopen jaar meer dan ooit een gezond – of toch een met beterschap gevuld – nieuw jaar toe. Verzorg uzelf!

2014 was bij momenten ook een jaar van stille woede of verontwaardiging.  Eerlijk gezegd waren er dagen dat ik echt geen zin had in de confrontatie met de lawine van onheils- en andere tijdingen op sociale en traditionele media. Een oude Chinese vloek zegt “Moge je in interessante tijden leven.” Juist.

Of ik voornemens en doelstellingen heb voor 2015? Buiten de klassiekers zoals meer bloggen, lezen of voor inbox zero gaan: niets bijzonders. Er liggen wel een aantal grote uitdagingen op mij te wachten.  Niet in het minst hoop ik mijn lijf enigszins terug op orde te krijgen. Andere uitdagingen komen later nog aan bod. Het belooft in ieder geval een spannend jaar te worden.

« Vorige blogposts Pagina 1 van 4 pagina's Volgende blogposts »