Netsensei

Much Ado About Nothing

Website

Dispatches

Ik heb de indruk dat in 2019 het jaar wordt waarin meer en meer mensen van de centrale silo’s terug stappen naar een eigen website. Zo melde @DHH dat Signal v. Noise van Medium terug keert naar een zelf gehoste oplossing. 37Signals is niet de enige.

Interessante discussie bij Ruben Verborgh over de implementatie van Linked Data in front-end toepassingen.

Deze week heb ik Terry Pratchett’s Moving Pictures uitgelezen. Dat is zijn tiende boek in de Discworld reeks. Tot zover vind ik dit de beste uit de reeks. Pratchett introduceert elementen uit het echte Hollywood – camera’s, regisseurs, producers, cinema, sterren,… – in de fantasy wereld van Discworld.

Ik had een aantal uren opzij gezet om de user management component van dit open source project functioneel uit te werken. De ‘shrink-wrap’ component die er oorspronkelijk was in gelijmd zat te hard in de weg. Ik ben niet de enige die dat vindt. Zelf een beter aansluitend alternatief bouwen bleek de juiste keuze. En een heel leerrijke ervaring.

Anyways, back to chirpin’

Ik werd gehackt

Eind maart maakte het Drupal Security team kwetsbaarheid SA-CORE-2018-002 bekend. Het ging om een zeer serieus veiligheidsprobleem met Drupal. Zo serieus dat iedereen alles moest laten vallen op Drupal websites te voorzien van een update. Drupalgeddon dus. Ondertussen maakten gewiekste mensen met slechte bedoelingen gebruik van de gelegenheid om zoveel mogelijk servers met onbeveiligde Drupal sites te hacken.

Mijn eigen server is er daar eentje van. Ik was namelijk in die periode in Californië. Het duurde even voor ik kans had om het nodige te ondernemen. Helaas was het kwaad reeds geschied. Deze week kreeg ik een bericht van Linode – de hosting partij van wie ik een virtuele server lease – dat er problemen waren.

Gehackt!
Gehackt!

Tijd om actie te ondernemen. De eerste stap was de server offline halen om geen verdere schade te veroorzaken. Dat deed ik eerder deze week. Dat betekende dat ik enkele dagen uit de lucht was. Gelukkig gaat het om persoonlijke projecten, niet om die van betalende klanten. In dat geval zou ik met een groter probleem hebben gezeten.

Gisteren heb ik een nieuwe server aangemaakt. Handmatig configureren zou snel een dag of meer kosten. Tegenwoordig automatiseer ik zoveel mogelijk met Ansible. Het kostte me een dik half uur om die operationeel te krijgen. Vervolgens was het een kwestie van de websites één per één terug on line te zetten. In het geval van die ene Drupal website betekende dat: de files folder en de database manueel controleren en schonen. En dan vind je dit soort ongein terug:

Gehackt!
Gehackt!

Juist. Script kiddies die mijn server mismeesteren voor allerlei illegale praktijken. In de database vond ik ook nog eens allerlei  Javascript crypto miners terug. Gelukkig kon ik die met wat RegEx Fu helemaal opschonen. Het ging dan ook om een site met niet zo heel erg veel inhoud. Maar het kostte me wel wat tijd en moeite om alles grondig te controleren.

Tenslotte heb ik ook meteen alle laatste patches en updates toegepast, wachtwoorden vervangen, enzovoorts enzoverder.

Waarom de oude server niet gewoon opschonen? Omdat dat eigenlijk gewoonweg niet doenbaar is. Het is veel eenvoudiger om met een schone lei te beginnen en de gehackte server uiteindelijk te verwijderen.

Waarom Drupal nog blijven gebruiken? Omdat de ontwikkelaars achter Drupal hier de juiste procedure volgden. Kwetsbaarheid breed kenbaar maken en meteen een oplossing voorzien. Dat ik toch in de problemen kwam, ligt geheel en al aan een ongelukkige timing.

Waarom zelf al die moeite met een server doen? Daarom.

20 jaar WWW

Ha! Het web werd vandaag een frisse twenty-something!

On 30 April 1993, CERN made the source code of WorldWideWeb available on a royalty-free basis; the software was free for anyone to use, and remains so today. Web usage exploded as people started setting up their own servers and websites. By late 1993 there were over 500 known web servers, and the WWW accounted for 1% of internet traffic, which seemed a lot in those days (the rest was remote access, e-mail and file transfer). Twenty years on, there are an estimated 630 million websites online.

Meer: info.cern.ch

Wat is Drupal

Mja, wat is Drupal? Ik blog er wel eens over. Maar eigenlijk neemt het flinke hap van mijn leven in. Als ik er al eens iets over vertel, dan verlies ik al eens snel mijn gesprekpartner. Tjah.

Om even een lange lap tekst te vermijden, een korte presentatie:

Drupal is dus software waarmee je snel een website kan bouwen en gemakkelijk onderhouden. Vroeger was een systeem zoals Drupal voornamelijk bedoeld om snel pagina’s te maken en tekst te publiceren. Eventueel opgeleukt met een fotootje. Vandaag ligt dat anders. Websites zijn meer dan een verzameling pagina’s. Het zijn echte applicaties geworden. Denk maar aan Facebook, Twitter of Google. Maar ook: webshops, weblogs, forums, media,…

Drupal probeert aan die behoefte om meer te kunnen, te voldoen. Eigenlijk is het een blokkendoos: zowat alle functionaliteit komt als modules. Jij activeert de modules die je nodig hebt om jouw site te kunnen bouwen. Daar houdt het niet bij op. Naast de standaardmodules kan je ook nog eens 8000+ modules vrij downloaden en gebruiken.

Allemaal gratis? Jawel, allemaal gratis! Hoewel, gratis is hier niet het juiste woord. Drupal is vrije software. Dat betekent dat de licentie je toelaat om vrij de broncode te downloaden, te bestuderen, aan te passen, uit te breiden en zelf opnieuw te verspreiden. Voor noppes en nada. Dat is de grote kracht aan Drupal. Met je laptop en vrije software kan je meteen aan de slag. Drupal is een succesnummer omdat er duizenden ontwikkelaars over de hele wereld de klok rond bezig zijn om nieuwe stukken toe te voegen, te onderhouden of te verbeteren.

Voor een groot deel wordt dat gedaan uit puur idealisme. Of omdat het gewoon kicken is om iets te schrijven in je vrije tijd en te zien dat Grote Projecten daar dan gebruik van maken. Voor heel grote groep mensen is Drupal dus een hobby. Maar voor heel wat mensen, zoals ik, betekent het dagelijks brood. Op het werk bouwen we alle projecten met Drupal. Onze klanten betalen ons dan ook niet voor de software zelf, maar omdat we die door en door kennen en er heel snel, veilig en stabiel hun project mee kunnen bouwen.

Klanten vertrouwen ons dus. En wij vertrouwen Drupal en de mensen die het onderhouden. Dat doen we niet zomaar. Omdat het zo belangrijk is dat Drupal steeds beter wordt, geven we ook terug aan het Drupal project. Vinden we in ons dagelijks werk een bug? Dan fixen we die. Hebben we een module gebouwd die zo handig is dat anderen er ook wat aan hebben? Dan zetten we die vrij on line… en krijgen we al snel feedback terug hoe we die nog beter kunnen maken.

Voor de meesten klinkt dit allemaal heel erg vreemd. Zomaar gratis weggeven? Dat doet zelfs Microsoft niet! Klopt. Je betaalt Microsoft om hun software te mogen gebruiken. Je mag er dus zelf niets aan aanpassen of verbeteren. Een fout ontdekt? Helaas: je zal moeten wachten tot Microsoft die corrigeert.

Het mooie aan vrije software is dat het ook echt werkt. Door de software zelf niet te gelde te maken maar op basis van respect en vertrouwen te werken, wordt ze vanzelf beter. Wie daar meer over wil weten raad ik het essay The Cathedral and the Bazaar van Eric S. Raymond aan.

Afin. Dat is natuurlijk niet het enige. Het motto achter Drupal is: Come for the software, stay for the community. Er worden over de hele wereld bijeenkomsten georganiseerd. Zoals de lokale drupal user groups waarbij geïnteresseerden maandelijks samenkomen om nieuwe weetjes en tips uit te wisselen. Of DrupalCamps die soms uitgroeien tot heuse beurzen. En natuurlijk is er tweemaal per jaar een DrupalCon waarbij hackers over de volledige wereld bijeenkomen. Daarnaast kennen de meeste in het wereldje elkaar ondertussen.
Er zijn zelfs al relaties uit Drupal gegroeid… en, jawel, op Drupalcon Londen is er tijdens een sessie zelfs een huwelijksaanzoek gebeurd tussen twee drupalista’s!

Tjah, Drupal neemt dus nogal een grote hap in. Ik heb al een piepkleine bijdrage aan Drupal geleverd, onderhoud een module, fix bugs, schrijf links en rechts documentatie, bouw er websites mee en what-not. En dat voor iemand die er als student gewoon mee beginnen prullen is op zijn computer op zijn slaapkamer. Niet slecht!

Nog meer weten? En je hebt wat tijd? Dan raad ik je de talk van Gabor Hojtsy op DrupalCon Kopenhagen van vorig jaar even te bekijken.

Zelf eens spelen met Drupal? Dat kan. Je hoeft de software ook niet zonder meer te downloaden. Je kan op Drupal Gardens zelf een Drupal site maken en beginnen rondklikken. Net zoals je dat kan met WordPress.com of op Blogger.

Colada.be

Bij een nieuwe business hoort er ook een nieuwe website. Gisteren heb ik colada.be online gezet.

Colada. Freelance web en drupal development

De nieuwe site bevat ook een blog. In het verleden blogde ik nogal graag over webdevelopment en technische kwesties. Het Mollom project heeft de laatste maanden nogal wat blogruimte ingenomen terwijl niet iedereen noodzakelijk interesse hiervoor had. Het technische krijgt dan ook een nieuwe plaats op mijn Workingman’s blog.

Natuurlijk draait de nieuwe webstek op Drupal.

iPhone G3: crashlanding?

Te vroeg victorie gekraaid! Mobistar ontkent volgens ZDNet van iets te weten. Laat staan dat ze de iPhone op 11 julie zullen verspreiden. Het is nog altijd “in de loop van het jaar”. Meer zelfs, de Apple website is ondertussen aangepast. Elke verwijzing naar 11 juli voor ons kikkerlandje opeens verdwenen en de ‘Movistar’ typo is aangepast.

Eigenlijk toch wel een flinke manko in de communicatie als je het mij vraagt. Als potentiële klant maken noch Mobistar, noch Apple hier een goede beurt bij mij. Zeker aangezien het ding wél in Nederland en Frankrijk te koop zal zijn vanaf 11 juli en het voor ons bij een zeer vage timing blijft. Ik heb ondertussen al een vaag gerucht opgevangen dat Mobistar via een juridisch handigheidje zal proberen om de iPhone exclusief te verkopen. Het zou mij niet verbazen moest dat de vertragende factor zijn.

Zal Tijs zijn wedstrijd terug moeten openen?

Klara in ’t nieuw

Kijkt! ’t Was op televisie: Klara heeft een nieuwe website! Ik vind het alvast een knap stukje design.

Wat mij op het eerste zicht opvalt:

  • Een in duidelijke boxen opgedeelde gridstructuur. En geen box met content te veel.
  • Zoeken en een markant, relevant artikel op een zichtbare plaats.
  • Ze werken met ‘tags’ en al om hun artikels vindbaar te maken! En je kan filteren in het zoekresultaat op mediatype! Zouden ze ook full text search doen?
  • Een helder menu met zes categorieën. De categorie ‘nog’ vind ik wat ongelukkig gekozen. ‘Algemeen’ categorieën durven al eens inhoudelijke vuilbakjes te worden. En tijdelijke categorieën zoals ‘Expo’, daar ben ik ook niet helemaal voor.
  • Een rustig, eenvoudig zwart/wit kleurenpalet.
  • Propere jpg clipjes zonder lelijke artefacten. (Hoewel, die ‘nieuwsbrief’ clip…)
  • Een super leesbare combinatie van lettertypes
  • Knoppen om de lettergroottes te veranderen
  • Een Atom feed! Per categorie! En zelfs voor het zoekresultaat!
  • Videogalore. In hoge kwaliteit nog wel!
  • Lelijke URL’s. Het zou nog mooier zijn met pretty urls om te verwijzen naar de items!
  • Propere HTML code
  • En nog véééél meer interessante inhoudelijke dingen om úúúúren mee zoet te zijn!

Zet de ploeg die de Klara site gemaakt heeft nu eens op deredactie.be en ik denk dat het ook daar wel goed zal komen. Uiteindelijk.

red-actie

Hm. Met het nieuwe jaar gaf de VRT zijn duidingsmagazines en Het Journaal een grondige facelift. Nieuwe gezichten, nieuw decor, nieuwe programma’s,… en een nieuwe website. En wat voor één: De Redactie!

Ik waarschuw wel meteen: klikken op de link kan wel nefaste gevolgen hebben. Braakneigingen om er maar eentje op te noemen. Overdrijf ik nu? De eerlijkheid gebied mij te zeggen dat de nieuwe website niet meteen de eerste prijs in een schoonheidswedstrijd zou wegkapen. Wel integendeel. Volgens mij zijn er een aantal zaken grondig fout aan het nieuwe design.

  • Drukke layout. Of hoe prop ik zoveel mogelijk visuele informatie in zo weinig mogelijk ruimte. Het gevolg is dat hoofdzaken maar moeilijk van bijzaken te onderscheiden zijn. Alles schreeuwt om aandacht.
  • Wanorde. Ik stel mij vragen bij het nut van de drie gesplitste menu’s (twee boven de header, en eentje rechtsonder in de viewport). Of bijvoorbeeld de aanwezigheid van het menu-item ‘Weer’ terwijl er verder op de site een Weerwidget is die linkt naar dezelfde pagina. Of nog: in het menu rechtsonder zitten inhoudelijke categorieën (sport), geografische categoriën (West-Vlaanderen) en beperkt relevante thema’s (Verkiezingen VS) los door mekaar. Niet erg consequent. Hetzelfde vind ik van andere elementen zoals de poll, de mediatheek, de wanordelijke plaatsing van de nieuwsitems zelf,… De lay-out van een website is bij voorkeur gemaakt dat de plaats van de verschillend elementen vanzelf logisch lijkt. Hier is dat duidelijk niet het geval.
  • Inhoudelijke irrelevantie. Waarom krijgt Louis Van Dievel’s blog zoveel linklove? En waarom zou ik geïnteresseerd zijn in generieken van 50 jaar geleden?
  • Kleuren en beeldjes. ’t Is natuurlijk van smaken, maar ik denk dat iedereen het over eens is dat de overheersende rode kleur op de hoofdpagina absoluut vloekt met het fluoblauw van de nieuwsticker, de zwarte gradient in de header, de grijze foto’s,… Nog fouter is dat men het niet op één kleur houdt. Neen, op elke pagina een andere arbitrair gekozen hoofdkleur. Het opvallendste, meest foute element zijn natuurlijk de koppen van de redactieleden in de header zelf. Op zich heeft een rotating banner met gezichten van mensen best wel potentieel. Alleen gaat het hier om ongeïnspireerde portretten die fout zijn gefotoshopped. Bovendien heeft de ganse banner te lijden onder JPEG artefacting. Noteer ik ook het totaal fout geplaatste zoekformulier waarvan men de moeite niet heeft genomen het enigszins te stylen. Een leuke touch zijn de afwisselende portretten van de redactieleden in de footer. Maar dat komt enigszins overbodig over aangezien ze al in de header aanwezig zijn. Verder ben ik ook niet wild van de typografie.
  • Multimedia. De nieuwe site focust natuurlijk vooral op multimedia. Nu is het mogelijk om fragmenten, interviews, reportages direct op te vragen. Dat de banner of strip prominent in beeld komt spreekt voor zich. Alleen zijn de bewegende beeldjes in de thumbs voornamelijk irritant en afleidend. De strip zelf kan ook maar naar één kant scrollen. De videofragmenten zelf kan je in verschillende formaten bekijken: als popup, semi full screen, etc. YouTube, GarageTV en anderen hebben echter allang bewezen dat een one size fits all het beste werkt. Verder is er de – eerder overbodige – mediatheek met willekeurige reportages onderaan de pagina. En je kan ook niet enkel en alleen maar zoeken door de filmpjes naar een specifieke reportage. Het is alles of niets. Fout dus.
  • Interactiviteit? Buiten de weblogs en de eerder zielige poll op de voorpagina is er nauwelijks mogelijkheid om commentaar achter te laten bij de nieuwsitems. De site biedt ook de mogelijkheid om in te schrijven op een nieuwsbrief. Een mooie hulp voor mensen die het concept RSS en feeds niet kennen. Alleen vind ik het jammer dat men dan niet de mogelijkheid te baat neemt om meteen RSS goed te promoten en het niet enkel voor de nieuwsticker te gebruiken.

Ik zou nog even door kunnen gaan. In ieder geval komt de site op dit moment vooral zeer amateuristisch en nauwelijks gebruiksvriendelijk over. Nu moet ik wel toegeven dat ze cross browser compatibel is, maar daarmee is meteen ook alles gezegd.

Hoe moet het dan wel? De VRT had beter een voorbeeld genomen aan een site zoals die van de BBC. Toegegeven, het is meer een portaal en de meeste inhoud zit al wat dieper in de site, maar ze is een stuk aangenamer en overzichtelijker om te bezoeken. Zelfs de website van CNN ziet er een oase van rust uit in vergelijking met de wanorde op de nieuwe VRT nieuwssite.

Het spreekt voor zich dat twitterend en webdesignend Vlaanderen niet erg hoog op heeft met de nieuwe website. Het gevoel heerst zelfs een beetje dat de VRT redactie dolende is en best uit zijn lijden wordt verlost. Daarom is er nu de-red-actie. Sommigen gaan immers zelfs zo ver in hun plaatsvervangende schaamte om te overwegen quasi gratis hun diensten aan te bieden op de Reyerslaan.

Tjah.

De-lurking J.

Altijd leuk om onder het werk eens ex-studiegenootjes tegen te komen. Zo ook gisteren toen er in de broodjeszaak iemand op mijn schouder tikte. J. zat al een tijd in onze leeszaal. Dat wist ik. Ze doceert en dat betekent dat ze van tijd tot tijd in het archief het zij op onderzoek trekt, het zij interessant lesmateriaal opzoekt.

Bleek dat ze na al die jaren nog altijd mijn website volgt! Kijk, kijk. Eigenlijk is ze een beetje een lurker omdat ze niet altijd reageert. En omdat ik eens van de-lurking wil doen: Komaan, J., laat eens iets van u horen! Hetzelfde eigenlijk aan al die andere ex-studiegenootjes en andere mensen die mijn blogje lezen maar zich in stilte hullen. Ik ben eens benieuwd wie mij allemaal leest.

Paola

Ik heb de paola gekte een beetje aan mij voorbij laten gaan. De laatste tijd heb ik nogal wat besognes aan mijn hoofd. Nu. Gisteren kreeg ik opeens een mailtje van Paola in mijn box. Even kreeg ik zo’n beetje het hermangevoel. Maar toen bleek dat het gewoon een uitnodiging was voor de persconferentie van vanavond. Jeuj! Ik ga dus straks ook naar Het Paleis om even uit te checken what the fuzz is all about.

Overigens was ik wat sceptisch over het ganse gedoe. Maar ik heb nu even vlug wat rondgeneusd op haar website. Het leukste vind ik uiteraard haar ganse familie. Wordt nog maar eens bewezen: bloggers zijn uiterst creatieve wezens. In eerste instantie om met een persiflage van het origineel aan te komen en om vervolgens de lijn door te zetten en zelf ook onderdeel te worden van het ganse virtuele theaterstuk. En dat is heel erg fijn.

Ik ben benieuwd. Maar eerst: eten!

« Vorige blogposts Pagina 1 van 2 pagina's Volgende blogposts »