Herman

Beste Herman,

Gefeliciteerd met uw aanstelling als president. Gij gaat dat goed doen. Met uw rustige vastigheid zult ge de primadonna’s van de Europese politiek wel rond de tafel houden. Ik moet eigenlijk bekennen dat ik u eigenlijk niet goed ken. Ja, toen ge nog minister van begroting waart. En op den TV kwam met cijferkes. Ja, van toen! Maar wie gij echt zijt, dat was een open vraag toen gij vorig jaar premier werd.  Onbekend is onbemind. Nochtans deed gij dat niet slecht. In tegenstelling tot den anderen uit Ieper kwam gij nooit echt vaak op TV om op uwen borst te kloppen. Rustige vastigheid alweer! Meer zelfs, de laatste 12 maanden waren een echte verademing. Er was nauwelijks politiek gekrakeel die naam waardig. Dat hebben we dan ook te danken aan uw pragmatisme en realisme. Nu ja, onder ons gezegd en gezwegen: we weten allebei dat de échte beslissingen binnenskamers worden gemaakt. Tijdens dure diners in Brusselse restaurants, via nachtelijke telefoontjes, in de wandelgangen of de bar van het parlement, bedisseld en gestuurd door mensen met dure titels en allerlei belangen. Ach, uw rol was dan ook niet om daar schoon schip in te maken. En als president zal dat ook wel niet anders lopen. De angst slaat mij eigenlijk vooral om het hart, dat met uw vertrek de demagogie van het Goed Bestuur terug zijn intrede zal doen in de Wetstraat. Ik hoop dat ge in uw nieuwe functie de tijd vindt om de zaken op het thuisfront in het oog te houden. Misschien kunt ge van tijd uw opvolger een haiku toesturen. Niets zo goed als poëzie om een mens tot nadenken aan te zetten.

In ieder geval, het gaat u goed meneer de president!