Paragrafen

Eén van de meer interessante mensen die ik volg op Twitter is Beep ofte Ethan Marcotte. In een blogpostje quote hij Dan Cederholm:

Like anyone who used to blog with frequency pre-2005, I’d like to post here more often — not just to fill up bits and bytes, but to write again. Remember when blogs were more casual and conversational? Before a post’s purpose was to grab search engine clicks or to promise “99 Answers to Your Problem That We’re Telling You You’re Having”. Yeah. I’d like to get back to that here.

Dan verwoordt een sentiment dat mij niet helemaal onbekend is.

Wel, wil je geloven dat ook ik een dergelijk gemis heb? In the days of yore vormden blogs gedurende een tijdje de structuur waarop zich het hele on line sociale weefsel zich entte. We schreven blogposts en voerden vanop onze eigen stek discussie over onderwerpen. We refereerden elkaar, of we reageerden op elkaars blogs in de commentaren. In ieder geval: je had je eigen blog en via je blogrol (of je favorieten) surfte je rechtstreeks naar anderen om te kijken of ze niets nieuws hadden geschreven. Bezoekers op je site waren een goede gelegenheid om je eigen site in een leuk kleedje te steken. In die experimentele dagen was het de gewoonte om je site regelmatig om te katten.  Rond sommige blogs hing er een echte microcommunity van regelmatige lezers. En bloggers zijn uiteraard ook aan mekaar beginnen hangen.

Dat werkte een tijdje goed tot er zoveel interessante blogs waren dat het nog moeilijk volgen werd. Veel noise, weinig signaal dus. Toen kwam RSS op de proppen. Je moest niet meer naar een blog surfen, de tekst werd naar jou gepushed. Zo kon je toch nog alles en iedereen volgen. In bredere zin werd men er zich toen ook wel van bewust dat data en informatie eigenlijk zeer portabel kan zijn. Aggregatie bewijst dat on line data los kan staan van een design en een domeinnaam. De plaats van publicatie is niet noodzakelijk de plaats waar informatie ook wordt geconsumeerd.

Mijn feedreader is Google Reader. Die vertelt me dat ik momenteel 158 feeds volg. Anderen volgen er ongetwijfeld een pak meer, maar voor mij is dat al heel erg veel. Ik lees niet dagelijks wat er binnenkomt en dat zorgt voor een backlog. Op dit moment wachten er nog goed 200 ongelezen items op mij. Daar zitten een paar interessante dingen tussen, maar ook veel cruft: del.icio.us links, ’99 things you really need to know’, pogingen om dingen te hypen, etc. Jammer maar opnieuw een signal-to-noise ratio om u tegen te zeggen. Het kost dus wat kostbare tijd om daar door te geraken. Tijd waaraan wordt geknibbeld omdat ook Facebook en Twitter een ware modderstroom aan informatie produceren die het grootste deel van de tijd nauwelijks interessant is.

Daarnaast is ook het sociale gebeuren volledig geëvolueerd. Starten met bloggen is nogal hoogdrempelig. Sociale netwerken zoals Twitter en Facebook zijn in het gat gesprongen. En met succes. Tegenwoordig heeft iedereen zijn eigen on line profiel – vergelijkbaar met een microblog – waar hij/zij ongelimiteerd op kan schrijven, linken, publiceren,…wars van enige technische kennis.

De vorm is zelf ook geëvolueerd. Microbloggen is nu eenmaal zo populair omdat alles gepresenteerd wordt in piepkleine hapklare brokken die quasi real-time worden gepresenteerd. Waarom zou ik nog op mijn eigen blog iets publiceren als ik het ook in 140 karakters gezegd kan krijgen en het meteen in de timeline van mijn connecties op Twitter verschijnt? Was de atomaire eenheid op het web een jaar of vier geleden nog de blogpost, dan is dat nu de tweet of de facebookstatus.

Een YouTube filmpje delen is dan ook nog nooit zo makkelijk geweest. Maar echt betrokken bij die informatie zijn mensen niet echt. Share and forget. Onderweg zijn wel degelijk de mogelijkheid om diepgang en context te geven aan informatie kwijtgeraakt en staan we nauwelijks nog stil bij wat we allemaal retweeten en delen met mekaar.

In tegenstelling tot vroeger is het internet vandaag meer dan ooit een diffuse stroom van veelal oninteressante noise. De pleiade aan sociale diensten en dienstjes heeft ervoor gezorgd dat we niet meer op één plaats dingen delen, maar dat op verschillende plaatsen doen: facebook, twitter, posterous, delicous, youtube,… Het is onmogelijk om op al die sites een account te hebben en pakweg de 30 zelfde mensen te volgen zonder iets te missen. Overhead dus.

Een andere reden waarom sociale netwerken minder interessant zijn is dat informatie er vrij letterlijk grijs is. Het design van een site is een extra laag die het web haar verscheidenheid geeft. Niet alleen vanuit esthetisch oogpunt, ook puur communicatief is design belangrijk. Een goed design vertelt immers iets over de identiteit van de blogger. Veel blogs op het net worden juist nog een stuk interessanter omwille van het design dat mij vertelt wie die persoon is. Neem nu Dustin Curtis. Elk artikel is een visueel meesterwerkje.  Als je naar zijn blog surft, dan is dat niet alleen om een intelligent stukje proza te lezen, maar ook om te genieten van het design. Ik kan zijn schrijfsels wel lezen in mijn Google Reader, maar dan moet ik dat visuele element, die een extra geeft aan de tekst, wel missen.

Sinds we RSS lezers gebruiken is dat aspect verloren gegaan. In Google Reader is iedereen immers gelijk. En opeens werd het web een stuk minder interessant. Met sociale netwerken is die trend verder gezet. Ieders facebook- of netlogprofiel ziet er tegenwoordig gewoon hetzelfde uit. Zonder meer. Het is niet half zo interessant om een facebookprofiel te bekijken als een goed uitgebouwde blog te doorsnuisteren.

Moest het daarbij blijven, geen enkel probleem. Maar het succes van sociale netwerken en de aandacht die ze eisen is ondertussen wel van die aard dat ze in het centrum zitten. Eigenlijk is een sociale netwerksite zoals facebook desondanks nog altijd een gesloten ecosysteem. Je kan gerust stellen dat als het niet op twitter of facebook staat, dat niemand het ook echt zal lezen. Voor velen is het internet zelfs al gereduceerd tot die paar sociale netwerken en een handvol nieuwssites waar informatie tot hen komt en ze zelfs niet meer kritisch nadenken over wat ze zelf terug delen met anderen. Laten we eerlijk, een echt goede evolutie kan je dat niet noemen.

Nu heb ik bij mezelf iets gelijkaardigs vastgesteld. Dat mijn blogje niet zo regelmatig van updates wordt voorzien, ligt voornamelijk aan het feit dat ik zelf ook een stuk actiever ben binnen die sociale netwerken. Dan ga ik dus al wat minder publiceren. Maar de laatste tijd valt me dat wat meer en meer tegen. Ik ben die grijze informatieblob een een beetje moe.

Net als Dan wil ik terug meer paragrafen lezen. Een stuk kritischer staan tegenover inhoud en het niet zomaar gratuit delen met anderen. Terug naar de bron gaan en het niet meer moeten lezen nadat het alle vijf keer geretweet is geweest of zo.

… en natuurlijk zelf ook weer wat meer tijd maken om – hopelijk – interessante stukjes te schrijven en mijn eigen blog eens een stevige, ouderwetse omkatbeurt te geven!

2 replies

  • Ik kan me hier ook wel in vinden. Mijn hoofdblog is niet meer gewijzigd sinds ergens in juni. Ik ben daarentegen veel meer te vinden op twitter en Facebook.

    Daarnaast ben ik ook een microblog gestart om kortere berichten te schrijven, want bij mijn hoofdblog moet ik steeds de layout aanpassen voor elke post. Ik gebruik hiervoor posterous, en die stuurt de posts ook automatisch naar twitter, facebook, flickr … naargelang de post. Wat me hierbij opvalt is dat ik nooit commentaar krijg op de microblog, maar des te meer op twitter en vooral facebook over de geposte items. Ik merk dus zelf ook een duidelijk shift van blogs naar sociale netwerken.

  • Ach ja, ik heb dit sentiment ook. En ik ben niet eens één van die pre-2005 bloggers. Ik lees graag lange teksten, uitgediepte artikels. Vergelijk het met boeken vs. boekjes. Je hebt een roman als Quicksilver (blogequivalent: Paul Graham) en je hebt boekjes als Goedele die eigenlijk niet meer zijn dan linklogs op papier.

    Ik gebruik een aantal tools (Delicious en Laterloop) om de dingen die via RSS binnenkomen te filteren. Na een tijdje heb ik een lijstje dingen te lezen staan, waar ik dan effectief ook een paar uur voor uittrek.

    Het internet is niet minder interessant geworden vind ik, integendeel. Het is gemakkelijker dan ooit om relevante informatie te vinden over een onderwerp dat je interesseert. Het is moeilijker geworden om de overdaad aan informatie te filteren: daarom moet je soms ook eens die overdaad negeren. Als iets echt interessant is kan je het niet missen, want er wordt ongetwijfeld in de toekomst naar gerefereerd in een ander artikel.

    Als ik merk dat ik een blog eigenlijk oversla in mijn RSS-lezer dan vliegt de subscription stante pede buiten. Je moet je gewoon erg bewust zijn van wat je leest. En niet altijd de 0 willen halen in Google Reader.

    Laatst was ik 3,5 week op vakantie, waarvan een groot deel in internetloos gebied, en uiteindelijk moest ik zeggen dat ik niet veel gemist had.

    Grappig dat je D. Curtis aanhaalt; je moet eens kijken onderaan deze post van Jack Cheng: http://jackcheng.com/roulette . In de footer deelt hij zijn schrijfsels in afhankelijk van ‘attention span’.

Commentaar is gesloten