Dispatches

Ik ben begonnen in Frank Herbert’s Dune. Ik had de sample al even op mijn Amazon Kindle staan. Nauwelijks 20 minuten ver en ik zit volledig in het verhaal. Qua opening kan het alvast tellen. Nu de rest van het boek.

The Atlantic publiceerde vorige week The Age Of Tech is Over. Software eats the world. En nu de markt van (multi)media zo goed als opgegeten is, willen gevestigde waarden zoals Amazon andere markten bedwingen. Retail om er zo maar eentje te noemen. Instagram doet een pivot en wordt de ‘Sears catalogus voor de Millenial’. Een digitale Trois Suisses, quoi.

De functie van de silo’s evolueert. Instagram, dat was ooit om een kiekjes uit het dagelijkse leven tot een feed van leuke Polaroid herinneringen te rijgen. Instagram is dus aan het vervellen tot een fashion catalogus. Het veld ligt de facto open om die oorspronkelijke functie over te nemen. Er ligt een opportuniteit voor federated platformen zoals Pixelfed om in het gat te springen.

Ik veronderstelde dat het integreren van OAuth in Symfony een Moeilijke Kwestie zou zijn. Niks bleek minder waar. FOSOAuthServerBundle is de juiste keuze. Ik blijf denken in patronen. Ik hou dezelfde architecturale principes aan doorheen de technische implementatie van het beheer van gebruikers, records, clients,… Zo kan ik het tempo om de dingen te bouwen een stuk sneller laten schakelen.

Een teken van deze Modern Times. Jongeren bezoeken meer musea en galleries. Niet zozeer voor de permanente collectie, wel om te de-stressen.

Dispatches

Ik heb de indruk dat in 2019 het jaar wordt waarin meer en meer mensen van de centrale silo’s terug stappen naar een eigen website. Zo melde @DHH dat Signal v. Noise van Medium terug keert naar een zelf gehoste oplossing. 37Signals is niet de enige.

Interessante discussie bij Ruben Verborgh over de implementatie van Linked Data in front-end toepassingen.

Deze week heb ik Terry Pratchett’s Moving Pictures uitgelezen. Dat is zijn tiende boek in de Discworld reeks. Tot zover vind ik dit de beste uit de reeks. Pratchett introduceert elementen uit het echte Hollywood – camera’s, regisseurs, producers, cinema, sterren,… – in de fantasy wereld van Discworld.

Ik had een aantal uren opzij gezet om de user management component van dit open source project functioneel uit te werken. De ‘shrink-wrap’ component die er oorspronkelijk was in gelijmd zat te hard in de weg. Ik ben niet de enige die dat vindt. Zelf een beter aansluitend alternatief bouwen bleek de juiste keuze. En een heel leerrijke ervaring.

Anyways, back to chirpin’

Zaterdagen in januari

Gisteren waren we kindloos. Aangezien zelfzorg zo’n beetje de rode draad is, wilden we voluit van de eigen tijd genieten. En dat hebben we keihard gedaan. Nadat we lekker lang hadden uitgeslapen en het huis aan de kant hadden gezet, kozen we voor een fijn programma in eigen stad.

Sinds een maand vind je in de Geldmuntstraat hotdogbar Paula Mostaert in het pand van de voormalige tearoom De Medici. Ik kan enorm genieten van een lekkere hotdog, en Bernard en Sarah maken extreem lekkere broodjes worst. Een geweldig mooi interieur in “herbal” thema, heerlijke hotdogs, toffe plaatjes en sfeer! Ben je in Brugge op zoek naar een fijne plek om overdag te pauzeren of om ’s avond gezellig samen te zijn, dan kan ik Paula Mostaert alleen maar aanraden.

Gisteren ging het Venetiaanse Carnaval door de stad. Tientallen prachtige Venetiaanse kostuums paradeerden doorheen de stad. Geweldig om te zien.

Aangezien het Solden waren, heb ik meteen maar in de Jules een boel nieuwe kleren scheef geslagen. Ik was toe aan een set nieuwe hemden en pulls die géén hoodies zijn. Ik shop niet graag, maar als ik dan toch shop, dan meteen goed en krachtig.

Paula Mostaert is maar één van vele restaurants die de laatste jaren een plaatsje hebben veroverd in de binnenstad. Ook al woonden we de afgelopen jaren in Oostkamp, heel erg veel kwamen we niet Brugge. Sinds we vlak over de vesten wonen, is dat helemaal veranderd. De stad is op wandelafstand. Het valt enorm op hoeveel nieuwe, frisse en fijne restaurants er zijn bij gekomen. De horeca floreert duidelijk.

Zo vind je in de Katelijnestraat niet alleen de Marco Polo Noodles. Maar ook de Thai Zen. Het was de tweede keer dat we voor deze Thai kozen. Andermaal een dikke aanrader. Ik koos voor de spring rolls als voorgerecht en de Kaeng Naue ofte rundvlees in rode curry. Pikant? Oh yes! Zoals het hoort.

We eindigden de dag in de Cine Lumière met The Favourite. Ik laat de trailer haar werk doen:

Yup, you guessed it. Nog een aanrader voor een druilerige zaterdagavond. Schijn bedriegt. Dit is géén kostuumdrama, maar een zwarte komedie. Hoe moet ik dit omschrijven? Olivia Colman, Emma Stone en Rachel Weisz staan in een dysfunctionele driehoek tegenover elkaar op royaal niveau. Zoiets. Met 17 konijnen, breakdancing, de Yeah Yeah Yeahs en kleiduiven zonder de klei. Afin, ik doe de film eigenlijk oneer aan, want het verhaal is subtiel opgebouwd en de echte boodschap zit verborgen in de laatste scène.

Een echte zelfzorg zaterdag, quoi.

18/19

Ik kan het voorbije jaar samenvatten in 1 woord: rollercoaster. Het was een waanzinnig jaar waarin er ongelofelijk veel is gebeurd. Uit het blote geheugen:

We openden het jaar met een bezoek aan Disneyland Parijs om de 12 jaar van de 12-jarige te vieren. Ik was nog nooit in Disneyland geweest. Zou ik het opnieuw willen doen? Verrassend genoeg: jawel. Niet meteen. Misschien over een aantal jaren. Want het kind in mij heeft er zich geweldig geamuseerd.

Ik startte het werkjaar als ondervoorzitter voor de beoordelingscommissie regionale musea van de Grote Erfgoedronde. Er lagen zo’n 23 dossiers op ons te wachten. Het was een razend interessante oefening om te doen. Maar het waren ook bijzonder intense maanden van lezen, inwerken, vergaderen en plaatsbezoeken.

Ik reisde in de eerst helft van 2018 nogal wat rond. Ik bezocht in het voorjaar San Fransisco, Stanford University en LDCX. Daarna volgde Praag en ELAG. En in de zomer ging de vakantie richting Frankrijk en welverdiende rust.

Maar 2018 stond hoofdzakelijk in het teken van de Grote Verhuis naar ons eigen huis. Vanaf het voorjaar leefden we tussen de dozen. Begin juni kregen we eindelijk de sleutels overhandigd. Vanaf dan tot diep in augustus was het één rush van grote en kleine werken. Schilderen, een nieuw plafond steken, ettelijke trips naar IKEA, de verfwinkel, interieurzaken,… Er leek geen einde aan te komen. We leefden van dag tot dag en soms zelfs van uur tot uur. We hebben allebei al heel wat verhuiservaring, en dit was zonder twijfel de zwaarste verhuis die we hebben gedaan.

Het najaar bracht geen rust. Hoewel we geen renovatiewerken moeten uitvoeren, kwamen al snel allerlei kleine en grotere mankementen naar boven. De oven moest vervangen, we kregen af te rekenen met waterlekken en het sanitair mankeerde meer dan ons lief was. We hadden anderhalf jaar gewacht vooraleer we in ons huis konden trekken. De realiteit rekende af met het beeld dat zich in onze hoofden had gevormd.

Ook op allerlei andere vlakken zette 2018 ons voor een aantal serieuze uitdagingen. Het was soms even adem happen. Meer dan eens zeiden we tegen elkaar: Het is zo’n jaar. Het was zo’n jaar waarin we af en toe onze schouders moesten intrekken en ons schrap zetten. Het was zo’n jaar dat nog eens scherp zette wat belangrijk is.

2018 bracht ons ook heel veel mooie momenten. Ik werd nonkel en gelijk ook voor de derde keer peter. Ons huis is écht ons thuis geworden. We hebben al wat feestjes en etentjes georganiseerd (Tip, als je van Brugge bent!). We genieten ervan om dichter bij de stad te wonen.

En 2019? Dat hebben we nu al uitgeroepen tot het Jaar Van De Zelfzorg. Een mens weet natuurlijk niet wat er op ons pad ligt in de komende 365 dagen. Maar als het van ons mag afhangen, dan is het wat meer tijd en aandacht geven aan onze fysieke en mentale gezondheid. Wat meer bewegen, en wat minder zitten en hangen. Meer boeken lezen, en minder sociale en andere media consumeren. En vooral meer leven in het hier en in het nu.

Africamuseum

Probeer eens Afrika te vatten in een aantal zalen in een 19de eeuws paleis. Dat betekent onvermijdelijk keuzes maken. En de ene keuze leidde tot een beter resultaat dan de andere.

Veel volk. En niet weten waar eerst te kijken. Dat vat zo’n beetje mijn eerste indruk samen toen we gisteren het Africamuseum in Tervuren bezochten. Dat vele volk, daar zit natuurlijk de kerstvakantie, het gratis ticket van De Standaard en de recente opening voor iets tussen. Dat niet weten waar eerst te kijken, dat ligt aan de presentatie en de opstelling.

Zo is de hele presentatie ingedeeld in thema’s: talen en muziek, fauna & flora, geografie, maatschappij,… maar er is nauwelijks een duidelijke rode lijn tussen de thema’s. Een harde verhaallijn hoeft niet, maar een aantal duidelijke visuele broodkruimels zijn toch een absolute must. Ze leiden je doorheen de verzameling, haar geschiedenis en haar betekenis.

De opstelling in elke zaal? Information overload. Het museum heeft de oude, antieke tentoonstellingskasten gerenoveerd, en verder aangevuld met nieuwe – open – ensceneringen. Diezelfde kasten zijn enorm aanwezig waardoor je de indruk krijgt dat alles volgestouwd staat. Bovendien is het een hele uitdaging om de verlichting in dergelijke kasten in functie van de tentoongestelde objecten goed af te stemmen. Dat lukt de ene keer al beter dan de andere.

Op een evenwichtige en toegankelijke manier publieksteksten presenteren is een kunst. An sich bracht het museum het er zeker niet slecht van af, maar overdaad schaadt. Wil je alles grondig lezen, dan ben je snel enkele uren zoet. En op een drukke dag is het enorm mogelijk om voldoende de aandacht op te brengen. Al was het maar omdat de enorme balzalen geweldig weergalmen.

Het museum trekt de kaart van de nieuwe media. Grote touchscreens bieden audio, video, interactieve kaarten en infographics, quizzen,… Helaas is het in sommige zalen veel te veel waardoor de aandacht volledig wordt afgeleid van de objecten. En dat is een jammere zaak. Bovendien wordt de digitale content in vier talen aangeboden, maar is niet alles vertaald. De bezoeker krijgt een mengelmoes van Frans, Engels en Nederlands voor geschoteld. Opvallend is dat sommige schermen rechtstreeks pagina’s uit Wikipedia voor schotelen. Los van de serieuze inhoudelijke bedenkingen die ik bij die keuze heb, werkte dat technisch niet altijd even goed. Ik zag toch enkele keren Chrome’s “There is no internet connection” dinosaurus.

En dan is er de inhoud zelf. Er is veel gezegd en geschreven over ons koloniale verleden. Het museum neemt de vlucht vooruit en confronteert zichzelf en de bezoeker bij het binnenkomen met twee zalen waarin hard wordt afgerekend met de historische wantoestanden en de beeldvorming. Alleen trekt het museum de lijn niet helemaal door tot het heden in de paleiszalen. Zo is er een stevig luik over de ertswinning in Congo en het belang daarvan. De kostprijs die mens en natuur betalen worden weliswaar terloops vermeld, maar de aandacht gaat toch hoofdzakelijk uit naar de mineralen die naar boven werden en worden gehaald. Zo houdt het museum zich alsnog veilig op de vlakte zonder echt een standpunt in te nemen.

In de ondergrondse toegang van het museum passeer je een grote prauw en het opschrift “Alles gaat voorbij, behalve het verleden.” In veel opzichten is dat waar. Ik vertrok met een gemengd gevoel: Dit was een schoongemaakte les aardrijkskunde. En dat is het natuurlijk ook als je er even snel doorheen stapt. Maar dat is slechts het halve verhaal. Een museum hoort de bezoeker te doen reflecteren, en een museum dat zo hard vecht met haar eigen verleden en haar collectie slaagt daar indirect alsnog in. In de eerste zaal – het kolonialisme – hangen pancartes die duidelijk maakt dat een object hun waarden ontlenen uit de context waarin ze is ontstaan en gebruikt, en dat de objecten in dit museum uit hun context zijn gerukt. Maar ook dat is niet het volledige verhaal. Context stopt niet bij opname in een collectie. Het verhaal van een object stopt niet zodra in het een kast terecht komt. Het Africamuseum is net vernieuwd, en probeert zichzelf opnieuw te definiëren. Met een beladen verleden stopt die oefening niet bij een grote heropening. De vraag is hoe relevant en actueel haar presentatie zal blijven in de komende jaren en decennia.

Arthub Flanders

In november lanceerden we op het werk Arthub Flanders. Sinds 2015 heb ik gestaag, en met de hulp van vele anderen, aan deze zoekmachine gebouwd. Je kan netjes zoeken in de gegevens van de kunst- en erfgoedcollecties van de Vlaamse musea voor visuele kunsten. Meer zelfs, die gegevens zijn vrij bruikbaar als Open Data. Momenteel ontsluit de catalogus een kleine 16.000 werken.

Arthub Flanders

De catalogus zelf is gebouwd met Project Blacklight, een Ruby on Rails toepassing ontwikkeld door Stanford University Libraries. Onder de motorkap gaat een hele architectuur schuil van API’s en ETL pipelines. We jongleren tussen een aantal formaten en datamodellen. Catmandu, gebouwd door de Universiteitsbibliotheek Gent, is ons werkpaard. Tenslotte bouwden we met Symfony ook een tussenlaag waar we data persistent in bewaren. Dat is de Datahub.

Bijna vier jaar hard werken aan een project, daar leer je ongelofelijk veel uit. Meer nog dan over technologie, leer je vooral jezelf kennen. Succes is niet alleen doorzetten tot het je iets oplevert, succes definieert zich ook door hoe je de dingen uitvoert. Positivisme, vergevingsgezindheid, relativering, empathie, sympathie, geduld,… tegenover jezelf en anderen zijn zo enorm belangrijk. Maar ook vasthoudendheid en onverzetbaar jezelf verdedigen op het juiste moment, zijn broodnodig. Als kapitein moet je je schip ten allen tijde op koers houden. Anders geraak je nergens.

Dispatches

’t Zijn dingen. De laatste maanden zijn we van het ene in het andere beland.

1.

We hebben ondertussen een nieuwe oven gekocht. Een Siemens die einde reeks was. Elektro Loeters is onze nieuwe vriend. We hebben die ook Peppie en Kokkie gewijs zelf geïnstalleerd. Gelukkig hield dat niet zo heel erg veel in, maar spannend was het wel.

Ons spaarvarken kreunde dan wel, maar het was een kwestie van moeten. En na al die jaren met oude, aftandse ovens zijn we gewoon blij eindelijk terug over een modern functioneel toestel te kunnen beschikken.

2.

Miserie in de badkamer. Vorige maand is het toilet verstopt geraakt. Een bezoek van een ruimingsfirma en 265 euro later dachten we dat het probleem was opgelost. Niet dus. Een paar weken geleden bleek het toilet andermaal verstopt… en tegelijk gaf ook de stortbak de pijp aan Maarten.

Wanneer water in een verstopte pot loopt moet dat ergens naar toe. Juist, het toilet is beginnen overstromen. De badkamer stond blank en het water is door ons houtgebinte naar de benedenverdieping beginnen lopen… over onze vers geschilderde muren heen.

Gelukkig hebben we – vooralsnog – geen detecteerbare gevolgschade. We hebben andermaal een (andere) ruimingsfirma moeten laten komen. En een aantal bezoeken van een loodgieter. Ons spaarvarken heeft andermaal klagelijk gekreund.

3.

Het goede nieuws is dat het we op het werk centen krijgen voor de komende jaren. Ik werk dus verder als data conservator voor de musea.

4.

Ik heb een aantal dagen verlof! Dat mocht ook wel want de laatste weken waren stevig. Halloween? Met veel plezier griezel ik mee. Maar het werd een avond klimmen wat ook al weer een kleine eeuwigheid geleden was. Ik was alvast overduidelijk mijn vorm kwijt.

5.

Ik heb dit jaar niet mee gedaan met Hacktoberfest. Tegenwoordig heb ik een pak eigen Open Source projecten te beheren. Ik moet dus keuzes maken en pull requests schrijven voor andere projecten was in oktober geen optie.

Ik heb daarentegen wel een hoop Threadless t-shirts en hoodies besteld.

A Mind at Play: How Claude Shannon Invented the Information Age

A mind at playDeze zomer las ik A Mind at Play: How Claude Shannon Invented the Information Age van Jimmy Soni. Dit is een biografie van Claude Shannon. Die naam zal bij de meeste mensen niet meteen een belletje doen rinkelen, maar Shannon staat wel mee aan de wieg van de Information Age. Meer zelfs, zonder Shannon zou de wereld zoals we ze vandaag kennen gewoon niet bestaan. Wie is die Shannon dan?

Claude Shannon werd geboren aan het begin van de 20ste eeuw. Hij behaalde werd wiskundige en kwam als jonge twintiger aan de University of Michigan in contact met de Booleanse logica. Dat is een vorm van algebra uitgevonden door George Boole en die draait om de concept AND, OR en NOT. Je weet wel, “waar” AND “onwaar” is gelijk aan “onwaar”. Shannon was niet zomaar een wiskundige, hij behaalde uiteindelijk een diploma als mechanisch ingenieur. Hij bleek ook een wonderkind te zijn met een brein waar eindeloze ideeën uit ontsproten. Het geluk wilde dat hij terecht kwam in de Bell Labs. Dat was toen het mekka waar nagedacht werd over telefonische netwerken en communicatie. Claude Shannon was de eerste die Booleanse logica toepaste om informatie op een nieuwe manier – een digitale wijze – te delen tussen machines. Hij herordende de mechanische schakelaars in de schakelborden en toonde zo aan dat informatie ook als bits en bytes kan worden gerepresenteerd. In één klap doorbrak hij daarmee de grenzen waar analoge technologieën – de klassieke telefoonlijn, televisie,… – tegen aan liepen. En daarmee zette hij de deur wagenwijd op naar de Information Age.

Zijn paper A Mathematical Theory Of Communication is het absolute fundament waar concepten zoals “zender” en “ontvanger” voor het eerst werden gedefinieerd. Hij formaliseerde voor het eerst de notie “informatie” in deze paper. Gepubliceerd in 1948 blijft het vandaag een van de meest geciteerde papers.

Claude Shannon is meer dan een theorie. Hij was blijkbaar ook een onverbeterlijke uitvinder die de meest gekke ideeën kon omzetten in mechanische oplossingen. Zoals de robotmuis Theseus die via een soort primitieve artificiële intelligentie de exit in een doolhof wist te vinden. Of een verborgen toestel dat hem toeliet om in casino’s vals te spelen (dat laatste liep bijna slecht af). Shannon doet mij in die context nog het meeste denken aan Adam Savage van Mythbusters die een gelijkaardig atelier heeft. Claude Shannon zou vandaag nog het best omschreven worden als de peetvader van de Maker Culture.

Deze biografie is een zeer leesbaar boek. Onvermijdelijk wordt er uit gewijd over de Theory of Communication, maar de auteur slaagt er in om de, eerlijk gezegd, gortdroge materie toch op een bevattelijke en leesbare manier te brengen. Bovendien weet Soni het belang van Shannon voor de digitale wereld vandaag op een heldere wijze neer te zetten. Ook heeft Soni oog voor de mens Claude Shannon. Hij was een introvert die zich goed voelde tussen zijn uitvindingen en ideeën. Niettemin zonder hij zich niet af van de mensheid, integendeel. Hij ontving talrijke ere-doctoraten en prijzen voor zijn werk. Zijn latere leven legde hij zich toe op lesgeven aan MIT. Soni vervalt dan weer niet in lange uitwijdingen, interpretaties of details zoals uitgebreide correspondenties en interacties tussen Shannon en zijn tijdgenoten. Daardoor blijft het tempo in het boek zonder dat het een droge pil wordt.

Ben je geïnteresseerd in de geschiedenis van de hedendaagse digitale cultuur, dan is dit een boek een dikke aanrader.

Dispatches

We wonen nu bijna een maand in ons nieuwe huis. Bevalt het? Zeker dat het bevalt!

Plus:

  • We wonen dicht bij het station. Met de fiets sta ik er op geen tijd, maar met dit weer is het zalig wandelen onder de bomen op de Brugse Vesten. En de bus stopt hier praktisch aan de voordeur.
  • Ons terras. Een kleine maar zeer fijne en gezellige koer. En nu we niet meer van door een waskot moeten om buiten te kunnen, nodigt het gewoon uit om elke avond buiten te eten.
  • Een vaatwasmachine en warm water in de keuken. Pakweg de laatste 10 plus jaar deed ik de vaat met de hand. Elke avond. Je mag stellen dat ik goed gerodeerd ben. Maar in het laatste jaar in Oostkamp was de keuken zo uitgeleefd dat ook het warme water haperde. Je vaat ’s avonds op tien minuten in een machine dumpen en warm water van de boiler onder de pompsteen? Da’s een luxe waar ik elke dag gelukkig van kan worden.
  • Een gezellige living met veel daglicht. Want dat was er totaal niet in op ons vorige adres.
  • Een garage in huis. Want de straat oversteken naar de garagebox in putje winter om kerstspullen te halen, of om je fiets te nemen, da’s allesbehalve praktisch.
  • Deftig sanitair met twee wc’s. Want eerlijk? Een toilet was eigenlijk te weinig.

Delta:

  • De oven. Ai, ai, ai. Jammer genoeg heeft de thermostaat het begeven. En herstellen is niet meteen een optie. We kunnen ze wel gebruiken, maar op termijn vraagt dat een oplossing.
  • De silicone dichtingen in de badkamer. Miserie! We hebben een aantal keer serieuze lekkage gehad in de garage. Gelukkig zit er daar geen plafond waardoor we direct merkten dat we een probleem hadden. Bovendien kussen we onze pollekes dat het niet lekte in onze vers geschilderde gang en living. We hebben wat gebibberd, maar het lijkt er op dat het aan slecht afgekitte badranden lag. Vanmorgen hebben we nog een laatste ingreep gedaan. Hopelijk lost dat ons probleem op.
  • Tik… tik… tik… Enkele weken lang tikte het in de afvoer van de dampkap. Om gek van te worden. Vorig weekend besloot ik op het dak te klimmen. Bleek dat een loshangende klep in de plastic afdichting aan de gevel de dader was.
  • De kookplaat. Kan de kat die niet aanzetten wanneer ze er over loopt? We waren onszelf de vraag nog maar luidop aan het stellen toen die met een luide “PIEP” werd beantwoord. Ja, dus. We moeten dus een afdekplaat aanschaffen.

Missen we Oostkamp? Eigenlijk feitelijk niet, neen. Het is natuurlijk wat wennen, zo’n nieuw huis. We zijn bovenal zeer content dat we hier mogen wonen.