Categorieën
Leven

Administratie en timing

Ondertussen ben ik een goed jaar geleden vertrokken bij mijn eerste werkgever, de Stad Antwerpen, maar dat wil niet zeggen dat daarmee alle correspondentie stopt. Soms krijg ik nog een brief voor deze of gene administratieve formaliteit. Veelal zijn dat prullen.

Toen ik gisteren thuis kwam bestond mijn stapeltje post uit twee omslagen. De eerste was een bevestiging van mijn sociale verzekeringsfonds om me te vertellen dat de opstart van mijn dossier probleemloos verliep. De ander is een formulier van de Stad waarmee ik bij mijn vakorganisatie (lees vakbond) een vakbondspremie kan aanvragen. Referentiejaar 2008. Blijkbaar heb ik daar nog recht op mocht ik lid (geweest) zijn van een vakbond.

Timing is everything!

Categorieën
Leven

Jonge ondernemer

In de laatste maanden is mijn blog een beetje stil gevallen. Niet zonder reden. Ik word tegenwoordig namelijk helemaal door mijn werk opgeslorpt. Mijn dagen beginnen vroeg, eindigen laat en zijn gevuld met code, todo’s, projecten en veel, veel meer. Om nog maar te zwijgen van vrienden, en mijn H.! Ik pendel bovendien nog altijd wekelijks tussen Leuven en Brugge.

Neen, meneer, ik verveel mij dus absoluut niet.

Eerlijk gezegd heb ik de laatste maanden mijn handen meer dan vol gehad want vanaf begin juli mag ik mezelf een jonge startend ondernemer noemen. Jawel, ik zit in volle voorbereiding om de stap te zetten naar een bestaan als zelfstandige.

Wat ik ga doen? Wel, ik word freelance web- en Drupal developer. Concreet doe ik wat ik op mijn huidige job doe, maar dan voor mezelf: ik ga websites – of een deel ervan – al dan niet in onderaanneming op basis van een slicing, documentatie, informatiearchitectuur en met een stevige dosis vakkennis ontwikkelen. In eerste instantie richt ik mij op webbureau’s, grafische ontwerpers, andere freelancers, e.a. die een Drupal project hebben liggen maar niet meteen de kennis of mankracht in huis hebben om aan de slag te gaan. Daar spring ik tijdelijk in.

Ik mik voornamelijk op projecten in Drupal en alles wat daar rond hoort. Ik heb het afgelopen jaar zeer intensief met Drupal mogen werken en ik ken het pakket ondertussen door en door. Niet dat er niet altijd valt bij te leren, maar ik heb het genoegen gehad om bij Statik, mijn huidige werkgever,  een aantal serieuze Drupal uitdagingen aan te gaan. Daarnaast sta ik, uiteraard, ook open voor WordPress opdrachten. In hoofdzaak gaat het om het volledig ontwikkelen van een site op basis van een (basis)slicing, documentatie met een stevige dosis vakkennis maar ik stel mij ook beschikbaar voor kleinere projecten: ontwikkelen van een plugin, module,…

Webdevelopment is geen webdesign. Ik kan jammer genoeg niet helpen door in Photoshop of Flash om een animatie of een kick-ass ontwerp te maken. Ik ben nu eenmaal geen grafisch genie. Ik laat dat over aan zij die daar wel talent  voor hebben: grafische ontwerpers, front-end engineers, flash/flex experts, etc. Wat natuurlijk ook niet wil zeggen dat ik hun taal niet spreek of dat webdesign een vreemde wereld voor mij is. Ik doe gewoon waar ik goed in ben en de rest laat ik over aan andere specialisten.

Voor de ene komt dit misschien wat onverwacht, anderen weten dat ik al langer, veel langer, met het idee speel. Het is iets dat heel lang heeft liggen rijpen. Zelfstandige worden doe je niet zomaar. Zonder een strak plan begeef je je immers op glad ijs. Het zou bij een idee gebleven zijn ware het niet dat mijn eigen werkgever mij de spreekwoordelijke trap onder de kont heeft gegeven om er werk van te maken en mij met heel wat argumenten wist te overtuigen.

En dus ben ik twee maanden geleden begonnen met de eerste voorzichtige stapjes: informeren, documentatie doornemen, met veel mensen praten,…

Gaandeweg werd het idee concreter. Ik begon het financiële plaatje bijeen te cijferen. En natuurlijk begon ik na te denken over wat ik precies wilde doen: een heus ondernemingsplan(netje) opstellen. Uiteindelijk haalde een positief gesprek met een doorwinterde boekhouder, mij volledig over de streep. Vorige week vrijdag heb ik mij ingeschreven bij een erkend ondernemersloket en kreeg ik mijn ondernemingsnummer.

Van begin juli sta ik dus op eigen benen en ben ik mijn eigen werkgever.

O ja, mijn commerciële kant heeft ook een naam: Colada. De website van mijn eenmanszaak wordt momenteel volop afgewerkt.

– “Wow! Da’s geen kleine stap. En wat met die Crisis? Ben je niet bang om kopje onder te gaan?”

Wel, ik probeer het met een nuchtere blik te bekijken.

We leven nu eenmaal in tijden waarin niets zeker is. De tijd dat je tot je pensioen dezelfde job kon uitoefenen is gepasseerd. In mijn omgeving heb ik mensen zich zien suf solliciteren om in een (tijdelijke) positie te belanden die verre van hun droomjob is. Veelal moet je door ettelijke selectierondes spartelen, examens afleggen in de hoop toch de job te hebben. Bovendien is in tijden als deze een vaste job vinden die verloont naar je capaciteiten en diploma’s niet echt een evidentie. Zelfs een universitair diploma is geen garantie.

Verder is er het financiële aspect. In tegenstelling tot (verontrustend?) veel leeftijdsgenoten heb ik nog geen huis af te betalen, vrouw noch kind(eren) te onderhouden en al helemaal geen auto. Veel meer dan de maandelijkse huur is er voor mij niet om mij écht zorgen over te maken. Webdeveloper worden vraagt  nu ook geen kapitale investering. De meeste hard- en software heb ik reeds. Minimale opstartkosten zijn dus een extra plus.

Aan de andere kant komt het er vooral op aan om voldoende opdrachten te mogen aannemen en die te kunnen factureren. Nu de ene na de andere bezuinigingsronde wordt doorgevoerd kan het wel eens tegenvallen om als starter voldoende klanten te vinden. De sociale en andere lasten die ik nu zelf aan vadertje staat zal mogen afdragen maken het er niet makkelijker op. Daarom dus beter geen wilde verwachtingen. De focus ligt nu op de opstart en het leefbaar maken van de zaak, niet op de aanschaf van een vette Porsche (Oké, misschien ook wel, als mijn boot over 10 jaar binnen blijkt te zijn.). En dus houd ik alvast nauw contact met mijn boekhouder. Blijk ik maand na maand op mijn spaarvarken in plaats van uit mijn inkomsten te leven, dan is het boeken toe en opnieuw beginnen solliciteren.

In ieder geval zal ik op zijn minst kunnen zeggen dat ik het geprobeerd heb!

PS: Geïnteresseerden mogen altijd een berichtje achterlaten op info@colada.be.

Categorieën
Leven Mening

Home

Iemand Home van Yann Arthus-Bertrand gezien? Die ging vrijdagavond in première. Niet in de cinema, maar op de kabel. In meer dan 50 landen tegelijk. In ons geval werd ze uitgezonden op 2BE. Yann Arthus-Bertrand kennen we van de documentaire reeks De Aarde vanuit de Lucht waarmee hij via zijn werk wil tonen hoe de aarde er aan toe is. Naast mooie natuurbeelden toont hij in die reeks ook de impact die de mens heeft op de aarde.

Met Home wil hij ons meer dan ooit een schop onder ons ecologisch geweten schoppen. Zijn beelden tonen niet alleen hoe mooi onze planeet is en over welke rijkdom we beschikken, ze wil ons vooral tonen dat we niet al te zuinig zijn met die rijkdom. De focus van de film ligt niet alleen op de impact die de mens heeft op klimaat en het verdwijnen van soorten maar vooral ook op het graf dat we voor onszelf aan het delven zijn. Meer dan ooit is het vijf voor twaalf en zonder fundamentele verandering in ons gedrag op grote maatschappelijke schaal, komen we deze eeuw nog in serieuze problemen. De film gaat ook in op de oplossingen die worden aangereikt om het tij te keren en eindigt ook met een positieve noot.

Je kan Home op YouTube integraal terug vinden en gratis bekijken.

Op deze verkiezingsdag denk ik dat de film en de punten die worden aangehaald méér dan ooit brandend actueel zijn. Niet alleen globaal, maar ook serieus van toepassing in ons eigen kikkerland. In de ganse kiescampagne viel hij mij op dat er nooit ingegaan wordt op hoe we onszelf fundamenteel zouden, of beter moeten, kunnen veranderen. Het is nochtans geen oninteressante denkoefening.

Duurzaam leven is meer dan denken in termen van premies voor duurzaam wonen, stimulansen om het openbaar vervoer te nemen en uw afval te sorteren. Een maatschappij is een systeem waarin alles aan mekaar vasthangt en afhankelijk van hoe die maatschappij is opgebouwd, is er een positieve of negatieve impact op onze omgeving. Of beter: verbruiken we meer of minder grondstoffen en brengen we meer of minder afvalstoffen terug in onze omgeving.

Wat mij geweldig stoort in Vlaanderen is hoe we elke morgen de rat race aanvangen om op ons werk te geraken: autowegen zitten verstopt, iedereen moét een auto hebben en treinen zitten overvol. Voor velen, zoniet de meesten, is hun werkplaats niet hun woonplaats. Mensen zoeken of vinden geen werk in eigen regio en al snel komt men terecht in één van de centrumsteden, Gent, Antwerpen of Brussel, zonder er te wonen. Bedrijfsterreinen liggen vaak al een eind buiten de stad en het is – of beter was – bon-ton om het middenkader van een bedrijfswagen te voorzien. Ons maatschappelijk model vereist meer en meer dat we mobiel zijn terwijl dat wel degelijk een impact heeft op onze omgeving: meer beton en minder ruimte om te wonen, te recreëeren, voor landbouw,…

Verder zitten we allemaal met een baksteen in onze maag. We willen allemaal graag ons eigen plekje. Liefst in een nette, rustige buurt waar kinderen veilig kunnen opgroeien. Jarenlang is er stadsvlucht waarbij mensen zich liever net buiten de stad vestigen. Jawel, op 20 minuutjes rijden met de auto. De stad krijgt vooral een commerciële invulling. In het engels heeft dit een naam: Sprawl. Het zorgt ervoor dat mensen echt een auto nodig hebben om mobiel te zijn en het is geen efficiënt gebruik van grond. In Vlaanderen kennen we het fenomeen ook en creëert het zelfs specifieke problemen: denk maar aan Zaventem en de noordrand waar een economische activiteit – de luchthaven – onderhand omsloten is door woongebieden.

Dergelijke problematiek los je niet op met meer wegen, meer openbaar vervoer, maar door een combinatie van intelligente ruimtelijke planning met oog voor woonruimte, economische activiteit en mobiliteit. New Urbanism is een voorbeeld van een beweging die oplossingen biedt voor een dergelijk probleem:

We advocate the restructuring of public policy and development practices to support the following principles: neighborhoods should be diverse in use and population; communities should be designed for the pedestrian and transit as well as the car; cities and towns should be shaped by physically defined and universally accessible public spaces and community institutions; urban places should be framed by architecture and landscape design that celebrate local history, climate, ecology, and building practice.

Voor Vlaanderen lijkt het mij alvast logisch dat verandering begint door werken in eigen regio te promoten. Ondernemers worden beter aangemoedigd om in eigen regio aan de slag te gaan met streekpersoneel dan hun personeel te betrekken uit de andere kant van het land. Grote ondernemingen zouden ook beter satelietkantoren opstarten in plaats van al hun personeel samen te laten troepen in een groot kantoorgebouw in één van de centrumsteden.

Hetzelfde geldt eigenlijk ook voor het ambtenarenapparaat: de overheid is een zeer grote werkgever en het verbaast me wat voor leger ambtenaren uit de provincies elke dag weer naar Brussel trekt om daar allerlei ministeries en departementen te bemannen. Is dat eigenlijk wel nodig? Onze staatsstructuur is van die grootteorde dat er zoveel ambtenaren ook wel nodig zijn. Vereenvoudig de werking van de staat = minder ambtenaren nodig = minder verplaatsingen = minder impact op het milieu.

Vlaanderen is ook nog eens populair als doorvoerland voor goederen langs de weg. Mij maak je niet wijs dat al die zware trucks uit Oost-Europese landen hier opeens minder CO2 zullen uitstoten. Er wordt nochtans in alle programma’s gesproken dat we een kenniseconomie moeten worden.

Vorige week was ik op een lokaal verkiezingsdebat. Er werd daar zelfs op een gegeven moment gesteld dat de meeuwen in Zeebrugge voor werkgelegenheid zorgen. Zeebrugge is een doorvoerhaven voor auto’s binnen Europa. Bedrijven zoals Toyota hebben grote parkeerterreinen waar ze al die auto’s kwijt kunnen. Vaak staan die daar enkele weken te wachten op verdere verwerking. Meeuwen laten mosselen en schelpen op die blinkende carrosserie vallen om ze open te krijgen. Gevolg: geblutste wagens die eerst nog eens moeten worden hersteld – lokaal – vooraleer ze verder kunnen worden verscheept. Wat zich weer vertaalt in extra werkgelegenheid. Niettegenstaande de autoindustrie op dit moment in een serieuze dip zit worden dit soort praktijken totaal niet in vraag gesteld om die extra werkgelegenheid toch maar te kunnen behouden.

Het verhaal werd als argument gebruikt om aan te halen dat de haven van Zeebrugge toch wel een flink economisch belang heeft en nog beter zou moeten worden ontsloten. Ik vond het vooral een drogargument om een vervuilende, verlieslatende economische activiteit te rechtvaardigen. Als we dan toch moeten spreken van een kenniseconomie: Vlaanderen heeft een rijk verleden in de autoindustrie. Waarom zouden we niet investeren in een duurzame, lokale autoindustrie zodat we minder auto’s moeten importeren? Waarom zouden we niet investeren in meer onderzoek naar efficiënte, duurzame en goedkope oplossingen om auto’s minder vervuilend te maken?  Kan zoiets niet leiden tot juist meer werkgelegenheid die een stuk duurzamer is dan het uitblutsen van gedeukte importwagens? Is stimuleren van duurzame economische activiteit niet dé uitweg om zowel de crisis aan te pakken én tegelijk onze impact op onze omgeving aan te passen?

Ach, ik ben nochtans niet bepaald een groene jongen te noemen. Ik sta niet op de barricaden voor het lappersfortbos. Ik noem mezelf dan ook veel liever een realist. Bekvechten over lullige institutionele kwesties of referenda houden over bruggen, vind ik een beetje hetzeldfe als plamuur smijten naar een rotte muur. Er zijn genoeg ernstige mensen die op basis van gedegen onderzoek kunnen zeggen dat we zonder verandering slechter af zullen zijn in de nabije toekomst en dat we ons westers model serieus zullen moeten herdenken.

Waarom durven we dat dan ook niet eens eindelijk te doen door bij onszelf te beginnen?